BELEGGER OM vervolgt failliete belegger/hotelexploitant niet

LANDGRAAF – Tot teleurstelling van de rechtbank Maastricht heeft het openbaar ministerie (OM) het fraudeonderzoek naar de failliete ex-belegger en ex-hotelexploitant Eric van den B. uit Landgraaf stopgezet. Het komt zeer zelden voor dat een rechtbank zich zo uit over een besluit van het OM.

Van den B. werd verdacht van faillissementsfraude. Het FIOD-onderzoek startte begin 2008 na aangifte doorrechter-commissaris Han Groen en curator Pieter Scholtes. De Landgravenaar was niet alleen privé bankroet gegaan, maar ook met twee van zijn beleggingsbedrijfjes en hotel-restaurant Overste Hof in Landgraaf dat hij tot in 2006 exploiteerde. Rechter en curator plaatsten onder meer grote vraagtekens bij een betaling van 550.000 euro aan een andere bv waarvanVan den B. directeur was. Een woordvoerster van het OM wil niet zeggen waarom het onderzoek gestaakt is. Curator Scholtes heeft begrepen dat bewijstechnische problemen ten grondslag liggen aan dat besluit.

„Er waren voldoende aanknopingspunten voor een serieuze zaak. Het OM ontmoedigt zo om nog aangifte te doen”, reageert Scholtes verontwaardigd. Persrechter Esmee Heutslaat weten dat ook de rechtbank teleurgesteld is. „We staan nog steeds achter de aangifte.” Intern moet nog beraad plaatsvinden of bij het gerechtshof in Den Bosch beroep wordt aangetekend tegen het besluit Van den B. niet te vervolgen. Scholtes zal dat niet doen.

Ybo Buruma, hoogleraar strafrecht en strafprocesrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen, kent geen ander geval waarin een rechtbank publiekelijk zo reageert op een besluit van het OM. De uitspraak heeft volgens hem geen gevolgen voor een eventuele strafzaak. Faillissementsfraude leidt volgens Buruma maar zelden tot een strafzaak omdat het een ingewikkelde materie betreft, weinig prioriteit heeft en deskundigheid bij OM en recherche nogal eens ontbreekt. Van den B. is blij met het besluit en wil door hem geleden schade verhalen.

door Theo Sniekers

LUIK/LANDGRAAF – Eric van den B., oud-exploitant van hotel-restaurant Overste Hof in Landgraaf, zit niet langer vast in de Latin-gevangenis in België. De failliete belegger, die verdacht wordt van wietteelt, is op borgtocht vrijgelaten.

“De borgsom bedroeg 20.000 euro”, verklaart zijn advocaat Serge Weening. “Vrienden van hem hebben dat bij elkaar gelegd”. Volgens Weening moet zijn cliënt nog terechtstaan, maar Van den Bergh zelf hoopt dat het zover niet komt. Weening vindt de borgsom erg hoog en heeft er ook geen goed woord voor over dat Van den Bergh maanden vastzat in België. Hij zou in Plombieres, net over de grens bij Vaals, betrokken zijn bij de exploitatie van een hennepplantage van achthonderd plantjes. “In Nederland word je voor tien keer die hoeveelheid nog niet vastgezet.” Van den B. zegt onschuldig te zijn en wijst met de beschuldigende vinger nar de uit het Heuvelland afkomstige maar in Plombieres wonende V. Deze 50 jarige man werd op 6 december 2006 gearresteerd en zit vast in Verviers.

Volgens een woordvoerder van justitie in Aken wordt V. ervan verdacht in Duitsland in softdrugs gehandeld te hebben. Duitsland heeft om uitlevering van V. gevraagd.

door Theo Sniekers

LANDGRAAF – Eric van den B., tot begin 2006 exploitant van hotel-restaurant Overste Hof in Landgraaf, zit niet langer vast in de Lantin-gevangenis in België. De failliete belegger, die vastzat op verdenking van wietteelt, is op borgtocht vrijgelaten. “De borgsom bedroeg 20.000 euro”, verklaart zijn advocaat Serge Weening.

Van den B. (42) had dat geld zelf niet. “Vrienden van hem hebben dat bij elkaar gelegd”, zegt Weening. Volgens hem moet zijn cliënt nog terechtstaan, maar Van den Bergh zelf hoopt dat het zover niet komt.

Weening vindt de borgsom erg hoog en heeft er ook geen goed woord voor over dat Van den Bergh maanden vastzat in België.

Hij zou in Plombieres, net over de grens bij Vaals, betrokken zijn geweest bij de exploitatie van een hennepplantage van achthonderd plantjes. “In Nederland wordt je voor tien keer die hoeveelheid nog niet vastgezet.” Van den Bergh zegt ook onschuldig te zijn. Hij wijst met de beschuldigende vinger naar ene tweede verdachte in deze zaak, de uit het Heuvelland afkomstige maar in Plombieres wonende V. Deze vijftigjarige man werd op 6 december 2006 gearresteerd en zit vast in Verviers. De derde verdachte van betrokkenheid bij de plantage is de Duitser A., die in zijn eigen land vastzit op verdenking van drugshandel. Volgens een woordvoerder van het openbaar ministerie (OM) in Aken worden A. en V. ervan verdacht in Duitsland samen in softdrugs gehandeld te hebben. Deze zouden in België geproduceerd zijn.

Duitsland heeft om uitlevering van V. gevraagd. De woordvoerder van het OM in Aken verwacht dat België hiermee instemt, mogelijk nadat V. een – nog op te leggen straf – daar heeft uitgezeten. V. ontkent iedere betrokkenheid bij welke drugshandel dan ook. Volgens Van den Berg, die momenteel bij vrienden in Landgraaf verblijft, kon hij op borgtocht vrijkomen nadat bleek dat hij niets met de drugszaak in Duitsland te maken had.

door Theo Sniekers

LANDGRAAF – De 42 jarige Eric van den B., tot vorige jaar exploitant van hotel-restaurant Overste Hof in Landgraaf, zit al bijna drie maanden in een Belgische cel. Justitie in België verdenkt de failliete belegger ervan één van de exploitanten te zijn van een hennepplantage in een huis in Plombieres, net over de grens bij Vaals.

Volgens zijn advocaat Serge Weening zijn in dat huis vijfhonderd hennepplanten aangetroffen. “Een naar Nederlandse maatstaven zeer beperkte hoeveelheid, waarvoor je hier echt de cel niet ingaat. En de betrokkenheid van mijn cliënt is mijns inziens niet vastgesteld.”

Van den B. zit van in de Lantingevangenis in Luik, volgens Weening de ‘Hel van België’. Als het aan de onderzoeksrechter ligt, blijft hij daar minstens nog een maand zitten. Het onderzoek loopt nog. Van den B. werd op 24 oktober aangehouden; een dag later volgde de arrestatie van een tweede persoon.

LANDGRAAF – Advocaat Serge Weening heeft een Belgische advocaat ingeschakeld om zijn cliënt Eric van den B. terzijde te staan. Die zal vandaag bij de raadkamer van het gerecht in Verviers vrijlating van Van den B. eisen.

Ook in Nederland hangen donkere wolken boven het hoofd van de voormalige exploitant van hotel-restaurant Overste Hof in Landgraaf. Van den B. ging in 2004 persoonlijk failliet en datzelfde gebeurde met zijn twee beleggingsbedrijfjes. De rechter-commissaris heeft bij het openbaar ministerie aangifte gedaan tegen Van den B. Volgens rechter Groen heeft hij zich onder meer schuldig gemaakt aan valsheid in geschrifte, meineed, bedrieglijke bankbreuk en het handelen als professioneel belegger terwijl hij daar niet voor de vereiste papieren voor heeft.

Volgens Pieter Scholtes, de curator in de faillissementen, heeft Van den Bergh niet duidelijk kunnen maken hoe hij de 2,4 miljoen euro heeft belegd die cliënten hem hadden toevertrouwd. Scholtes: “Met de afwikkeling van de faillissementen en het zoeken naar de geldstromen kan ik pas verder als er helderheid is over een eventuele strafrechtelijk onderzoek.”

Datzelfde geldt voor de verdwenen keukeninventaris van de Overste Hof waarmee Van den Bergh vorige jaar ook failleerde. Die had volgens de curator een waarde van zeker 20.000 euro.

LANDGRAAF – Curator Scholtes: “Hij verklaarde onder ede dat een aantal schuldeisers zonder toezegging van compensatie had afgezien van hun vorderingen, omdat ze medelijden met hem hadden. Maar een aantal van die schuldeisers heeft getuigd dat Van den Berg aangaf dan een doorstart te kunnen maken en hen dan alsnog te kunnen betalen op het moment dat hij weer geld binnenkreeg.”

Van den Berg neemt de aangekondigde aangifte bij Justitie voor kennisgeving aan. Die aangifte, die curator Scholtes samen met rechter-commissaris Groen wil gaan doen, wordt waarschijnlijk nog uitgebreid met andere punten. Een grote beleger uit het westen des land heeft wel zonder meer afstand gedaan van zijn vorderingen op Van den Bergh, in totaal ruim 1,2 miljoen euro. Scholtes: “Ik vermoed dat deze afspraken heeft gemaakt met Van den Bergh.” Inmiddels hebben vier partijen ook het faillissement aangevraagd van de Overste Hof BV, op papier nog belast met de exploitatie van de horecazaak. Onder meer twee personeelsleden hebben dat gedaan. Landgravenaar K. Zwakhalen, tot voor kort chef-kok: “We hebben vanaf januari al geen salaris meer gehad.” Woensdag diende de faillissementenaanvraag, maar de rechter hield de zaak op verzoek van Van den Bergh twee weken aan. Zwakhalen: “Van den Bergh verklaarde dat hij het bedrijf aan anderen wilde verkopen, en ons dan uit de opbrengst zou betalen. “Van den Berg, directeur van de Overste Hof BV, zegt dat hij kandidaat-kopers heeft voor dit bedrijf, maar een tweede mogelijkheid zou zijn dat hij de inventaris van de zaak en de lopende vorderingen van de BV verkoopt.

Curator Scholtes gelooft weinig van het verhaal, “Zo probeert Van den Bergh al jaren faillissementen af te wenden. Het personeel zal nu door aanhouding van de zaak vermoedelijk een deel van het inkomen mislopen, omdat UWV/GAK maar een loongarantie van drie maanden geeft.”

De curator heeft zelf het faillissement aangevraagd van Super Trade BV, de eigenaar/aandeelhouder van de Overste Hof BV en de huurder van het hotel-restaurant Van den Berg is ook directeur van Super Trade, maar krijgt al sinds enige tijd geen salaris meer. De Overste Hof is sinds februari dicht, omdat Van den Bergh de gemeente Landgraaf niet de vereiste informatie voor de benodigde vergunningen verschafte.

Ook de eigenaar van de monumentale hoeve waarin de horecazaak is gevestigd, de maatschap Groen & Van Zandwijk uit Snelrewaard, heeft volgens A. Groen het faillissement van Super Trade aangevraagd. “Vanwege huurachterstand. We willen ze snel mogelijk van Super Trade af om de zaak opnieuw te verhuren. Er hebben zich al spontaan kandidaat kopers gemeld. We doen geen zaken meer met Van den Bergh.”

Van den Bergh ontkent dat ook Groen & Van Zandwijk het faillissement van Super Trade heeft aangevraagd. “Afgelopen week hebben we nog om tafel gezeten.” Van den Bergh bracht Groen & Van Zandwijk bij Winthaegen aan als koper voor de Overste Hof. Winthaegen betaalde daarvoor 550.000 euro provisie aan Super Trade.

Volgens curator Scholtes is Van den Bergh niet alleen directeur van Super Trade, maar feitelijk ook eigenaar. “Hij heeft een deel van die 550.000 euro gebruikt om persoonlijke verplichtingen te voldoen. ik probeer nu het deel van die 550.000 euro dat nog over is, veilig te stellen voor de schuldeisers Van den Berg.”

Maar de laatste bestrijdt dat hij eigenaar is van Super Trade en dat hij de provisie door eigen doeleinden zou hebben gebruikt. “De curator voert een persoonlijke vendetta tegen mij.”

door Theo Sniekers

LANDGRAAF – Curator P. Scholtens gaat bij het openbaar ministerie aangifte doen tegen E. van den Berg, directeur van het inmiddels gesloten hotel-restaurant Overste Hof in Landgraaf. De rechter-commissaris in de faillissementen waarin Van den Berg zelf en zijn twee beleggingsmaatschappij tjes is verwikkeld, gaat waarschijnlijk hetzelfde doen.

Scholtes, die de belangen behartigt van de schuldeisers in die faillissementen, beschuldigt Van den Berg van bedrieglijke bankbreuk, overtreding van de Wet Toezicht Effectenverkeer (WTE) en meineed.

Rechter-commissaris H. Groen overweegt aangifte te doen van bedrieglijke bankbreuk, overtreding van de WTE en valsheid in geschrifte.

De overste Hof speelt een belangrijke rol in de faillissementen Van den Berg. De vorige eigenaar van de in de hele regio bekende horecazaak, W. Winthaegen, vroeg in 2004 het faillissement van Van den Berg aan, omdat deze als (kandidaat) koper de koopsom niet op tafel kon leggen. hij was Winthaegen meer dan 200.000 euro schuldig en kon dat niet betalen.

Van den Bergh had op het moment dat hij de Overste Hof kocht al grote financiële problemen, privé en met zijn beleggingsmaatschappijen Van den Berg Beheer en Berginvest. In 2004 werden die BV’s en Van den Berg persoonlijk failliet verklaard. Curator Scholtes oordeelt vernietigend over Van den Bergs beleggingsactiviteiten. Hij beloofd zijn klanten gouden bergen: soms zelfs rentepercentages van één procent rente per dag over hun inleg.

Maar Van den Berg kon Scholtes niet duidelijk maken waarin hij het hem toevertrouwde geld, in totaal ruim twee miljoen euro, nu daadwerkelijk had belegd. Van den Berg had ook geen vergunning namens mensen geld te beleggen, reden waarom de curator aangifte doet van overtreding van de WTE. “Bovendien heeft hij zich schuldig gemaakt aan bedrieglijke bankbreuk. Van den Berg heeft bijvoorbeeld na het uitspreken van het faillissement nog 6.500 euro aan de boedel onttrokken.” Bij de verhoren onder ede bij de rechter-commissaris heeft Van den Berg zich bovendien schuldig gemaakt aan meineed, zegt Scholtes.

door Theo Sniekers

LANDGRAAF – Curator P. Scholtens gaat bij het openbaar ministerie aangifte doen tegen E. van den Berg, directeur van het inmiddels gesloten hotel-restaurant Overste Hof in Landgraaf. De rechter-commissaris in de faillissementen waarin Van den Berg zelf en zijn twee beleggingsmaatschappijtjes is verwikkeld, gaat waarschijnlijk hetzelfde doen.

Scholtes, die de belangen behartigt van de schuldeisers in die faillissementen, beschuldigt Van den Berg van bedrieglijke bankbreuk, overtreding van de Wet Tochzicht Effectenverkeer (WTE) en meineed. Rechter-commissaris H. Groen overweegt aangifte te doen van bedrieglijke bankbreuk, overtreding van de WTE en valsheid in geschrifte.

De Overste Hof speelt een belangrijke rol in de faillissementen Van den Bergh. De vorige eigenaar van de in de hele regio bekende horecazaak, W. Winthaegen, vroeg in 2004 het faillissement van Van den Bergh aan, omdat deze de koopsom niet op tafel kon leggen. Hij was Winthaegen meer dan 200.000 euro schuldig en kon dat niet betalen. Van den Bergh had op het moment dat hij de Overste Hof kocht al grote financiële problemen, privé en met zijn beleggingsmaatschappijen Van den Bergh Beheer en Berginvest. In 2004 werden die BV’s en Van den Bergh persoonlijk failliet verklaard.

Curator Scholtes oordeelt vernietigend over Van den Bergh beleggingsactiviteiten. Hij beloofde zijn klanten gouden bergen: soms zelfs rentepercentages van 1 procent rente per dag over hun inleg. Maar Van den Bergh kon Scholtes niet duidelijk maken waarin hij het hem toevertrouwde geld, in totaal ruim twee miljoen euro, nu daadwerkelijk had belegd.

Van den Bergh had ook geen vergunning namens mensen geld te beleggen, reden waarom de curator aangifte doet van overtreding van de WTE. “Bovendien heeft hij zich schuldig gemaakt aan bedrieglijke bankbreuk. Van den Bergh heeft bijvoorbeeld na het uitspreken van het faillissement nog 6500 euro aan de bedoel onttrokken.” Van den Bergh neemt de aangekondigde aangifte bij Justitie voor kennisgeving aan.

Inmiddels hebben vier partijen ook het faillissement aangevraagd van de Overste Hof BV, op papier nog belast met de exploitatie van de horecazaak.