woensdag, 31 januari 2007 – door Jolande van der Graaf

Nabestaanden geschokt door rapport buitenlandse experts over campingmoord

AALST – De doofpot rond de bizarre dood van timmerman Gerrit Snoeren (29) lijkt eindelijk te worden doorbroken. Uit een zojuist afgerond medisch forensisch rapport blijkt dat de Rotterdamse timmerman vier jaar geleden allerminst werd gedood op de wijze die de politie Bommelerwaard, de Bossche officier van justitie mr. Lukowski en patholoog-anatoom dr. Visser van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) altijd wilden doen geloven.

Het rapport van onderzoeksbureau Independent Forensic Services (IFS) bevestigt volledig wat De Telegraaf de afgelopen jaren in meerdere reportages onthuld, maar steeds door het openbaar ministerie als ‘speculaties’ werd weggezet: Snoeren overleed niet achterin een auto toen die met hoge snelheid tegen een paar bomen op een camping in Aalst klapte. Zijn verwondingen laten zien dat hij al dood was en even tevoren in de laadruimte van de wagen van twee Bossche criminele was neergelegd.

Waarschijnlijk is voorafgaande aan de crash met een auto over de Rotterdammer heengereden en moest zijn lijk ergens gedumpt gaan worden. Maar de waarheid achter de dood van Snoeren werd nooit door politie en justitie onderzocht en leidde daarom niet tot behoorlijke strafrechtelijke vervolging van de dader(s). Onlangs liet het gerechtshof in Den Bosch de zaak alsnog heropenen. Het rapport van IFS zal ongetwijfeld een bom vormen onder het proces waarin het hof vandaag een groot aantal getuigen, onder wie vier bronnen van deze krant, wil horen.

Voor Gerrit Snoerens familie – zijn zus Trudy, bejaarde moeder Gerrie en inmiddels zwaar zieke vader Gerrit sr. – zijn de resultaten een enorme schok. “We hebben altijd geweten dat Gerrit iets verschrikkelijks moet zijn aangedaan en dat politie en justitie zich er met een jantje-van-leiden vanaf hebben gemaakt. Het is een schande dat dit pas boven water komt als een advocaat en een journalist in de zaak duiken.”

Het is voor het eerst dat ook rechters zich verdiepen in de toedracht achter het drama in de nacht van eerste op tweede paasdag in 2003. Snoeren werd destijds levenloos aangetroffen in de laadruimte van een Nissan Patrol die op een wandelpad op de Gelderse camping tegen twee bomen was geknald. Achter het stuur zat de zwaargewonde, in coma geraakte inbreker Ruud S., naast hem zijn ongedeerd gebleven, criminele kompaan Peter V.

Snoerens zus Trudy verklaarde destijds meermalen aan de politie dat haar broer een hekel had gehad aan dit duo en onmogelijk vrijwillig bij de twee criminelen kon zijn ingestapt. Ook een doorgewinterde ongevallenspecialist van de Nijmeegse politie concludeerde in zijn rapport dat de zaak niet klopte. Hij vond dat er veel te weinig bloed op en rond het zwaar verminkte lichaam van Gerrit Snoeren lag en dat zijn houding erop wees dat hij in de laadruimte had gelegen en niet had gezeten. De brigadier wilde ter plekke een uitgebreid technisch onderzoek, maar dat werd weggewuifd door de Zaltbommelse politie en Bossche justitie.

Datzelfde geldt voor de bevindingen van een gemeentelijk lijkschouwer. Die stelde opkoper van het wrak op de stoep stonden. Snoerens stoffelijke resten werden alsnog opgegvragen en onderzocht in het NFI. Maar daar bleek de patholoog-anatoom Visser de visie van justitie klakkeloos te volgen. Hij stelde dat Snoeren tijdens de klap tegen de bomen aan een gescheurde lichaamsslagader en verbrijzeld hoofd was overleden. Ruud S. kreeg drie jaar cel opgelegd wegens dood door schuld en een serie inbraken, diefstallen en heling. Zijn maat Peter V. werd slechts eenmaal kort door de politie ondervraagd en verder geen strobreed in de weg gelegd.

Het IFS-rapport schreeuwt volgens advocaat mr. Frank van Aardenne, raadsman van Snoerens familieleden, en advocaat mr. Serge Weening raadsman van verdachte Ruud S., alsnog om een echt onderzoek naar de toedracht van het drama. De conclusie van de medisch forensisch arts luidt letterlijk: ‘De beperkte hoeveelheid bloed op het T-shirt van het slachtoffer, het ontbreken van bloedsporen in de Nissan, het geringe bloedverlies en de ernst van het hersenletsel ondersteunen niet de hypothese dat het slachtoffer levend in de auto zat en overleed tijdens de botsing tegen de bomen. Maar wel dat het slachtoffer buiten de Nissan is overleden’.

door Theo Sniekers

LANDGRAAF – De 42 jarige Eric van den B., tot vorige jaar exploitant van hotel-restaurant Overste Hof in Landgraaf, zit al bijna drie maanden in een Belgische cel. Justitie in België verdenkt de failliete belegger ervan één van de exploitanten te zijn van een hennepplantage in een huis in Plombieres, net over de grens bij Vaals.

Volgens zijn advocaat Serge Weening zijn in dat huis vijfhonderd hennepplanten aangetroffen. “Een naar Nederlandse maatstaven zeer beperkte hoeveelheid, waarvoor je hier echt de cel niet ingaat. En de betrokkenheid van mijn cliënt is mijns inziens niet vastgesteld.”

Van den B. zit van in de Lantingevangenis in Luik, volgens Weening de ‘Hel van België’. Als het aan de onderzoeksrechter ligt, blijft hij daar minstens nog een maand zitten. Het onderzoek loopt nog. Van den B. werd op 24 oktober aangehouden; een dag later volgde de arrestatie van een tweede persoon.

LANDGRAAF – Advocaat Serge Weening heeft een Belgische advocaat ingeschakeld om zijn cliënt Eric van den B. terzijde te staan. Die zal vandaag bij de raadkamer van het gerecht in Verviers vrijlating van Van den B. eisen.

Ook in Nederland hangen donkere wolken boven het hoofd van de voormalige exploitant van hotel-restaurant Overste Hof in Landgraaf. Van den B. ging in 2004 persoonlijk failliet en datzelfde gebeurde met zijn twee beleggingsbedrijfjes. De rechter-commissaris heeft bij het openbaar ministerie aangifte gedaan tegen Van den B. Volgens rechter Groen heeft hij zich onder meer schuldig gemaakt aan valsheid in geschrifte, meineed, bedrieglijke bankbreuk en het handelen als professioneel belegger terwijl hij daar niet voor de vereiste papieren voor heeft.

Volgens Pieter Scholtes, de curator in de faillissementen, heeft Van den Bergh niet duidelijk kunnen maken hoe hij de 2,4 miljoen euro heeft belegd die cliënten hem hadden toevertrouwd. Scholtes: “Met de afwikkeling van de faillissementen en het zoeken naar de geldstromen kan ik pas verder als er helderheid is over een eventuele strafrechtelijk onderzoek.”

Datzelfde geldt voor de verdwenen keukeninventaris van de Overste Hof waarmee Van den Bergh vorige jaar ook failleerde. Die had volgens de curator een waarde van zeker 20.000 euro.

KLIMMEN/HEERLEN – Een 49 jarige man uit Heerlen blijkt de eigenaar te zijn va de mega-hennepplantrage die de politie donderdag in Klimmen ontmantelde.

De man heeft gisteren tijdens een verhoor door de politie bekend eigenaar te zijn van de 19.000 hennepplanten die aan de Haspengouw gevonden zijn. Hij heeft een proces-verbaal gekregen en is na het verhoor vrij gelaten. Wanneer hij voor de rechter moet verschijnen, is nog niet duidelijk.

De politie kwam de plantage op het spoor vanwege stroomverbruik op het betreffende aders.

KLIMMEN/HEERLEN – In enkele schuurtjes achter woningen aan de Haspengouw in Klimmen heeft de politie gisteren 19.000 hennepplanten gevonden, waarvan het overgrote deel nog uit stekjes bestond.

De politie kwam de grote plantage op het spoor vanwege overmatig stroomverbruik in het pand. Onduidelijk is nog niet aan wie de plantage toebehoorde. Ook in de Heerlense wijk Heerlerbaan werd deze week actie ondernomen tegen henneptelers.

In een leegstaande winkel trof de politie woensdag een vrij grote hennepplantage aan. Het pand stond van onder tot boven vol met kleine plantages. In totaal voerde de politie meer dan 1500 hennepplanten af. De zaak bleek van kelder tot zolder vol te staan met planten. De eigenaar wist volgens de politie niets van de alternatieve bestemming van de winkel. Ook in dit geval bleek de huurder illegaal stroom te hebben afgetapt. Hij is aangehouden wegens het overtreden van de Opiumwet.

door Ad rijken

In de zaak van een bizar ongeval op camping De Rietschoof in Aalst (gemeente Zaltbommel) stevent de verdachte, een 25 jarige Bosschenaar, af op vrijspraak. De man werd door de rechtbank eerder veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf, maar in hoger beroep vroeg advocaat generaal C. Revis gisteren zelf al vrijspraak.

Die eis was volgens de vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie onvermijdelijk geworden door een nieuw rapport over de doodsoorzaak van het slachtoffer, Gerrit Snoeren (29), uit Rotterdam. Volgens de forensisch geneeskundige S. Eijkelenboom is Snoeren niet om het leven gekomen in de auto van de Bosschenaar. De rechtbank is daar nog wel van uit gegaan.

Het stoffelijk overschot van Snoeren werd op 21 april 2003 gevonden in de laadbak van de auto van de Bosschenaar. Die zat zelf zwaar gewond achter het stuur, nadat hij op de camping met hoge snelheid tegen een boom was gereden. Een kameraad van de Bosschenaar die naast hem zat, bleef ongedeerd. Al snel na het ongeval ontstonden geruchten dat Snoeren niet bij het ongeval maar al eerder om het leven was gekomen. Dat was in mei ’03 zelfs aanleiding om het stoffelijk overschot op te graven en alsnog sectie te verrichten.

Een patholoog anatoom kwam vervolgens tot de conclusie dat Snoeren om het leven was gekomen tijdens het ongeval. Volgens zijn familie is het echter ondenkbaar dat de Rotterdammer bij de Bosschenaar en zijn vriend in de auto is gestapt. Hij kende de mannen oppervlakkig en zou juist een hekel aan hen hebben gehad.

Gisteren verklaarde een ongevallenanalist van de politie altijd twijfels te hebben gehad bij het ongeval als doodsoorzaak. De toestand waarin hij het slachtoffer in de auto aantrof wees volgens hem op een andere toedracht.

Ook de schouwarts stelde dat de verwondingen van het slachtoffer niet pasten bij het ongeval. Snoeren was zo ernstig gewond aan zijn hoofd dat het volgens de schouwarts net leek of er een auto overheen gereden was. De Bosschenaar en zijn vriend zeggen zich van het vooral niets te herinneren.

Tegen de Bosschenaar eiste advocaat generaal Revis nog wel een jaar gevangenisstraf wegens inbraken en heling.

januari 2007 – door Fred Soeteman

Rotterdamse timmerman was al dood..

DEN BOSCH – Gerrit snoeren (29), de Rotterdamse timmerman wiens verminkte lichaam in de paasnacht van 2003 werd gevonden in de laadbak van een terreinwagen die tegen een paar bomen was gecrasht, moet al dood zijn geweest voordat hij in die auto terecht was gekomen.

Deze conclusie van gerechtelijk geneeskundige mevr. dr. Selma Eikelenboom van Indepent Forensic Services (IFS) te Nunspeet dwong gisteren mr. C. Revis, de advocaatgeneraal bij het gerechtshof in Den Bosch, om vrijspraak te vorderen voor de 25-jarige Rudie S., die in juni vorige jaar nog voor doodslag is veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf.

Tot dusver had justitie de visie gevolgd van patholoog dr. R. Visser van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI), die meende dat Snoeren slachtoffer was geworden van de botsing van de Nissan Patrol van Rudie S. tegen bomen op camping De Rietschoof in Aalst, aan de Maas in Gelderland.

Twijfels

Maar al vanaf het begin van het politieonderzoek hadden ongevallenanalisten van de politie, een schouwarts, de nabestaanden van Gerrit en De Telegraaf-verslaggeefster Jolande van der Graaf hun twijfels: er klopte iets niet.

De schouwarts die verklaarde dat Gerrits schedel zodanig was verbrijzeld dat hij “aanvoelde als een zak met losse brokken”, gaf al aan dat zulk letsel eigenlijk alleen te verwachten is bij zware ongevallen waarbij over het slachtoffer heen is gereden. Journaliste Van der Graaf spoorde getuigen op die zeker wisten dat Snoeren niet was ingestapt bij Rudie S. en diens passagier Pieter V., en ontdekte dat de ongevallenexpert brigadier Pieter Biemans (60) evenmin geloof hechtte aan de bomenbotsing als doodoorzaak. De advocaat-generaal vroeg vrijspraak, maar niet van harte. Voor de zorgvuldigheid had hij liever dr. Eikelenboom en haar collega dr. Visser op een volgende zitting nog eens met elkaar geconfronteerd, maar het gerechtshof liet de wens van Snoerens nabestaanden om de affaire nu af te ronden, zwaarder wegen.