Weening strafrechtadvocaten is een jong en dynamisch advocatenkantoor dat zich onderscheidt door betrokkenheid en gedrevenheid.

Kerkrade/Maastricht – De rechtbank in Maastricht heeft gisteren nieuw onderzoek gelast naar de invloed van medicijngebruik bij het doodsteken van een 55-jarige Kerkraadse op 23 juli 2007. Daarmee werd een recent rapport van het Nederlandse Forensisch Instituut (NFI) feitelijk naar de prullenbak verwezen.

De rechtbank had het NFI ingeschakeld om te kijken of de van moord verdachte Kerkradenenaar Marin de B. (56) door een combinatie van antidepressiva en zware slaapmiddelen tot zijn geweldsexplosie kon zijn gekomen. De B. bracht zijn vriendin in haar woning in Eygelshoven met tientallen messteken om het leven waarna hij ook zichzelf zestiek keer stak. De B.’s advocaat Peer Szymkowiak vermoedt dat hij medicijngebruik zijn normaal kalme en vriendelijke cliënt tot razernij heeft gebracht. De B. – blancostrafblad – ging antidepressiva gebruiken in een periode dat zijn moeder overleed en zijn broer terminaal ziek bleek. De rechtbank honoreerde in januari het verzoek van de advocaat voor nader onderzoek door het NFI. Het instituur rapporteerde begin deze maand dat het zeer onwaarschijnlijk is dat het gecombineerde medicijngebruik tot de geweldsexplosie heeft geleid.

Symkowiak uitte gisteren tijdens de zitting harde kritiek op het NFI-rapport. Alleen al door de bijsluiter van de betreffende medicijnen goed te lezen en informatie te zoeken op internet had het NFI tot andere conclusies kunnen komen, meent de advocaat. Hij vocht het oordeel van de psychologen die De B. in opdracht van de rechtbank hebben onderzocht. Die denken dat de verdachte aan een persoonlijkheidsstoornis lijdt. Het door hem gebruikte geweld zou hooguit voor een minimaal deel door de medicijncocktail te verklaren zijn. De door Szymkowiak ingeschakelde deskundige Harald Merckelbach, hoogleraar psychologie aan de Universiteit Maastricht, trekt een tegenovergestelde conclusie. Ook officier van justitie Anneke Rogier oordeelde dat het NFI vragen open had gelaten, maar wilde die door het instituut zelf laten beantwoorden.

De rechtbank besloot echter vanwege de objectiviteit een andere deskundige in te schakelen, die zowel thuis is op het gebied van medicijnen als op de invloed daarvan op de menselijke psyche. De rechtbank wil weten wat de (bij en na-)werking van de door De B. gebruikte medicijnen is en of de geweldsexplosie verklaard kan worden door medicijngebruik. Verder willen de rechters weten of dat gebruik ook tot geheugenverlies kan lijden; De B. zegt niets meer van de steekpartij te weten. Als ook maar één van de vragen met ‘ja’ wordt beantwoord, volgt nieuw psychiatrich onderzoek. Verder worden ook de huisarts en de psychologg De B. voor zijn daad raadpleegde om meer informatie gevraagd. De rechtzaak wordt vermoedelijk in juli hervat.

Send this to a friend