Chat with us, powered by LiveChat

Een van de verdachten in deze zaak werd bijgestaan door Lodewijk Rinsma

Een cliënt van Weening Strafrechtadvocaten is op 14 augustus 2019 door het Gerechtshof Amsterdam cliënt integraal vrijgesproken van de verdenking van heling .

Cliënt werd samen met een ander ervan verdacht een beeld uit de Romeinse tijd van onschatbare culturele waarde te hebben geheeld. Het ging hierbij om een portret van de Romeinse keizerin Julia Domna die geleefd heeft tussen 170-217. Dit beeldje zou zijn gestolen uit de Villa adriana te Tivoli (Italië) tussen 2012 en het voorjaar van 2015. Deze diefstal bleef al die tijd onontdekt. Pas nadat het beeld door de medeverdachte bij een gerenommeerd veilinghuis was aangeboden bleek het beeldje te ontbreken in de Villa Adriana. De teruggave van het beeldje door de Nederlandse politie aan de Italiaanse autoriteiten is destijds breed uitgemeten in de media.

Cliënt is vervolgd wegens heling. Dit houdt in dat hem werd verweten het beeldje te hebben verworven terwijl hij wist, of had moeten vermoeden, dat dit beeldje gestolen was. Hiervoor is onze cliënt op 29 mei 2017 door de Rechtbank Amsterdam veroordeeld tot 1 jaar gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk. In hoger beroep heeft mr. heeft mr. A.L. Rinsma de verdediging op zich genomen. Op 31 juli 2019 werd de strafzaak in hoger beroep door het Gerechtshof Amsterdam behandeld. In hoger beroep ging het niet zozeer om de vraag of het beeldje gestolen was, maar ging het om de vraag of cliënt dit wist of had moeten weten op het moment dat hij dit beeldje kreeg. Cliënt heeft altijd ontkend te hebben geweten dat het ging om een gestolen beeldje. Cliënt heeft verklaard dat hij het beeld heeft gekregen van een familielid en dat hij graag wilde onderzoeken of het beeldje echt was. Hiertoe is het beeldje ook aangeboden bij een gerenommeerd veilinghuis.

In hoger beroep is aangevoerd dat het voor een leek niet te zien was dat het ging om een echt Romeins beeldje, laat staan dat het ging om een gestolen beeld met een aanzienlijke waarde. Daarnaast is aangevoerd dat cliënt en zijn medeverdachte genoeg onderzoek hadden verricht naar de herkomst van het beeldje. Uit dit onderzoek kon ook niet blijken dat het beeldje gestolen was, omdat de diefstal toen nog helemaal niet ontdekt was. Het Gerechtshof was het met de verdediging eens en heeft cliënt vrijgesproken omdat nader onderzoek naar de herkomst van het beeldje niet van hem kon worden verlangd.

Cliënt en de verdediging zijn tevreden met de vrijspraak. Cliënt is verheugd dat het Gerechtshof de zaak op een juiste en zorgvuldige wijze heeft beoordeeld. Nu het Openbaar Ministerie geen cassatieberoep heeft ingesteld is deze uitspraak onherroepelijk geworden.