De verdachte wordt bijgestaan door Ivo van de Bergh

Cliënt wordt verdacht van poging doodslag op een arrestatieteam. Eerder had de rechtbank geoordeeld dat cliënt niet langer voor dat feit hoefde vast te zitten. Toen andere rechters die beslissing later wilden terugdraaien, gingen wij namens cliënt in hoger beroep. Het hof oordeelde dat sprake was van herhaalde toepassing van de voorlopige hechtenis voor een feit waarvoor de ernstige bezwaren eerder waren komen te vervallen, terwijl er geen nieuwe feiten of omstandigheden aan die herhaalde toepassing ten grondslag lagen. Het hof honoreerde het verweer dat dit een schending is van het beginsel Nemo debet bis vexari. Het hoger beroep werd dus toegewezen en cliënt kwam meteen op vrije voeten.

Lees de volledige beslissing hier.