Chat with us, powered by LiveChat

Meerdere verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening, Francoise Landerloo en Justin Luiten

In de strijd tegen Albanese drugscriminelen in Limburg heeft justitie maandenlang telefoongesprekken afgeluisterd. De inhoud van die gesprekken heeft bijgedragen aan zestien arrestaties op 21 mei.

Dit blijkt uit betrouwbare informatie, in handen van L1. Op 21 mei werden er zestien mensen aangehouden in een omvangrijke drugszaak. Ze zouden jarenlang verantwoordelijk zijn geweest voor hennephandel in Geleen en omgeving.Valse paspoorten
Het Geleense bedrijf Europrofex, gerund door 40-jarige mannen Abdnbie B. en Chihab A. en hun vrouwelijke compagnon Hejjoub D. (36), is volgens justitie de spil in deze zaak. Deze Marokkaanse Belgen betaalden via hun bedrijf de vaste lasten van 87 panden in Geleen en omgeving. In die panden zaten voornamelijk Albanezen, die er op grote schaal hennep teelden. Het bedrijf regelde ook valse paspoorten. Bij een inval werden verschillende kopieën van deze valse identiteitsbewijzen gevonden. 

Belangrijke rol
Justitie is nog altijd druk met het onderzoek in deze zaak. De telefoontaps spelen daarin een belangrijke rol. Ze zouden aantonen dat verschillende verdachten nadrukkelijk betrokken waren in de hennephandel. De afgeluisterde gesprekken werden veelal in het Albanees gevoerd, waardoor een en ander wel vertaald moest worden.

Drie netwerken
Deze Albanezen hoorden overigens niet allemaal bij elkaar, denkt justitie. De groep is onderverdeeld in drie drugsnetwerken. Haxhi P. (34), een Albanees die nauwe banden onderhield met de Marokkaanse Belgen, wordt gezien als kopstuk van de eerste groep. Hij reed rond in auto’s van Europrofex en stond zelfs op de loonlijst bij een zusterbedrijf. Haxhi werd ook samen met de twee mannen van Europrofex gearresteerd, in het Duitse Würselen.

Haxhi en Romeo
Daar waar de groep rondom Haxhi uit vijf tot zes mensen zou bestaan, is het tweede ‘netwerk’ stukken kleiner. Die groep zou geleid worden door Romeo G. (30) en verder alleen bestaan uit zijn vrouw Julia. Advocaat Justin Luiten, die Romeo bijstaat, wenst niet verder op de zaak en eventuele verbanden tussen de netwerken in te gaan. “Geen commentaar.”

Meer arrestaties
Overigens is niet uitgesloten dat er meer arrestaties volgen en beide netwerken nog worden ‘aangevuld’. In het huidige dossier worden immers verschillende verdachten genoemd die nog niet zijn gearresteerd. Dat brengt ons bij het derde netwerk; een groep waarvan nog niemand is aangehouden. Uit betrouwbare informatie van L1 blijkt dat justitie minstens één verdachte nadrukkelijk in beeld heeft, maar deze nog niet heeft gearresteerd.

Lieden uit Lushnjë
Wat opvalt, is dat vrijwel alle Albanese verdachten uit Lushnjë komen. De afgelopen jaren zijn er meer Albanezen uit die stad opgepakt in Limburg. Van de zestien mensen die tot dusver zijn gearresteerd, zijn er acht weer op vrije voeten. Hun zaken zijn geseponeerd, of er waren geen zwaarwegende redenen om ze in voorarrest te houden. Europrofex-eigenaren Abdnbie, Chihab en Hejjoub en netwerkleiders Haxhi en Romeo worden gezien als kopstukken en blijven voorlopig in voorarrest.

Meerdere verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening en Jusin Luiten

De politie heeft dinsdagochtend meerdere panden doorzocht in Sittard en Geleen in het onderzoek naar georganiseerde hennepteelt in Limburg.

Het gaat om zeven panden: in Vragendeal, Monseigneur Claessenstraat, Christian Kisselstraat en Meanderstraat in Sittard en Salmstraat, Bollenstraat en Rijksweg-Centrum in Geleen. Verschillende goederen, waaronder informatiedragers, zijn in beslag genomen. Er zijn nog een aanhoudingen verricht.

Bij een grote politie-actie in de Westelijke Mijnstreek werden afgelopen mei zestien mensen opgepakt. Het ging voornamelijk om Albanezen. Agenten namen toen ruim 12.000 hennepplanten en 24 kilo gedroogde henneptoppen in beslag.

Het bedrijf Europrofex aan de Groenstraat in Geleen maakte volgens justitie de criminele activiteiten mogelijk door de rekeningen voor gas, water en licht te betalen en soms ook de huur voor de panden waar de plantages waren. Het bedrijf zorgde ervoor dat de criminele activiteiten in de panden jarenlang onder de radar bleven. Twee bestuurders van Europrofex zijn aangehouden evenals een 34-jarige Albanese werknemer. Zij worden verdacht van het gebruiken van valse identiteitspapieren, (faciliteren van) georganiseerde hennepteelt en witwassen.

Grieks restaurant

De politie verdenkt ook een eigenaar van een Grieks restaurant in Geleen ervan dat hij valse werkgeversverklaringen verstrekte aan Albanese ‘werknemers’. Deze valse werkgeversverklaringen over gefingeerde dienstverbanden werden gebruikt om hypotheken te krijgen waarmee panden konden worden gekocht. In het verleden zijn er hennepplantages aangetroffen in panden in eigendom van de restauranthouder, meldt de politie. Het deelonderzoek van dinsdag focust op de valse werkgeversverklaringen en de rol van de restauranthouder. Hij is wel verdachte, maar (nog) niet aangehouden. De politie wil eerst de informatiedragers onderzoeken, zegt een politiewoordvoerster.

De 46-jarige verdachte en twee vrijgesproken mannen worden bijgestaan door Francoise Landerloo

Drie mannen zijn door de rechtbank in Roermond veroordeeld tot celstraffen vanwege betrokkenheid bij een drugslab in Velden-Schandelo. Drie anderen werden vrijgesproken.

Eén van de uitvoerders, Willem F. (50) uit Sittard, kreeg met een gevangenisstraf van 24 maanden de hoogste straf. Zes maanden daarvan zijn voorwaardelijk. De eigenaar van de loods waar het laboratorium werd aangetroffen, Paul van de V. (48), kreeg een celstraf van 18 maanden. Zes maanden daarvan zijn voorwaardelijk. Volgens de rechtbank heeft hij de ruimte en gelegenheid tot het inrichten en laten draaien van het laboratorium verschaft. Een 46-jarige man uit Beek kreeg een gevangenisstraf van een jaar omdat hij eind november 2017 had geholpen bij de bereiding van een grondstof voor amfetamine.

De opgelegde celstraffen zijn lager dan het Openbaar Ministerie (OM) twee weken geleden eiste. Het OM had tegen drie vermeende kopstukken om minimaal 3,5 jaar gevangenisstraf gevraagd.

Vrijgesproken

Drie andere verdachten werden door de rechtbank vrijgesproken. Eén van de veroordeelden had belastende verklaringen over hen afgelegd, die volgens de rechtbank consistent waren. Omdat de verklaringen niet werden ondersteund door ander bewijsmateriaal, werden de drie niet veroordeeld. Wel moet één van deze drie, een 28-jarige man uit Sittard, 100 dagen de cel in vanwege het bezit van een pistool, munitie en zeven pillen amfetamine.

Een van de verdachten wordt bijgestaan door Lodewijk Rinsma

Tegen vier Limburgse mannen zijn celstraffen tot twaalf jaar geëist voor de export van drugs via postpakketten.

De mannen verhandelden volgens het Openbaar Ministerie vooral via het darkweb xtc, MDMA, cocaïne en heroïne naar veertig landen. Voor de rechtbank in Rotterdam eiste het OM celstraffen van twaalf, zeven, vijf en drie jaar. 

Inleverpunt
Nederland speelt een zeer prominente rol op het afgesloten gedeelte van internet in drugshandel via de pakketten. Toen een pakket met drugs werd onderschept, kon de politie camerabeelden van het inleverpunt in Brunssum achterhalen en de groep oprollen. De mannen werden in mei 2018 aangehouden en zijn nu 25, 28, 36 en 54 jaar oud.

Huiszoekingen
Bij huiszoekingen werden tientallen kilo’s pillen en andere drugs, postverpakkingen, kleurstoffen en een tabletteermachine gevonden. Ruim honderd pakketten met drugs werden onderschept.

Half miljoen betalen
Tegen de 36-jarige hoofdverdachte werd twaalf jaar geëist, omdat hij de groep zou hebben geleid en de bitcoinbetalingen op zijn rekening binnen kwamen. Het OM wil dat hij ruim een miljoen betaalt aan de Staat, als zogeheten ontneming van criminele verdiensten.

De bewoner van het pand in deze zaak wordt bijgestaan door Sjanneke de Crom

De burgemeester van de gemeente Waalwijk wilde op grond van artikel 13b Opiumwet een woning in Sprang-Capelle voor de duur van zes maanden sluiten na de vondst van 41 gram hennep. De bewoner van het pand heeft zich vanaf het begin op het standpunt gesteld dat de aangetroffen hennep voor eigen medicinaal gebruik was om zijn ernstige rugklachten draaglijker te maken. Desondanks hield de burgemeester voet bij stuk: de woning moest dicht. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: ABRvS), de hoogste bestuursrechter van ons land, oordeelde vandaag definitief: de woning blijft open. 

De bewoner van het pand kampt al jaren met ernstige rugklachten na failed back surgery. Niet alleen heeft hij met hulp van zijn advocaat zijn uitgebreide en heftige medicatieverleden met stukken onderbouwd, ook is door middel van vier huisartsenverklaringen onderbouwd dat de bewoner medicinale cannabis uit de coffeeshop gebruikte als pijnbestrijding. De rechthebbende op de woning werd in de bezwaarschrift- en de beroepsschriftprocedure, gestart door De Crom, keer op keer in zijn gelijk gesteld. De gemeente hield echter voet bij stuk en probeerde haar gelijk te halen bij de hoogste bestuursrechter.

De burgemeester betoogde o.a. dat de rechtbank ten onrechte had vastgesteld dat de rechthebbende aannemelijk had gemaakt dat de aangetroffen hennep voor eigen gebruik was. Er was te veel waarde toegekend aan de verklaringen van de huisarts en de hennep had via de apotheek verstrekt moeten worden om te kunnen spreken van medicinaal gebruik, aldus de burgemeester. Volgens de burgemeester had de bewoner wisselende verklaringen afgelegd over zijn hennepgebruik en medicatieverleden en ook de verklaringen van de huisarts zouden elkaar tegenspreken.

De ABRvS stelt echter bij uitspraak van 22 mei 2019 de bewoner en mw. mr. J.J.H.M. de Crom in het gelijk. Het uitgangspunt in art. 13b Opiumwet procedures is nog steeds: bij aanwezigheid van meer dan 5 gram hennep mag in beginsel worden aangenomen dat dit voor de handel bestemd was. Het is vervolgens de taak van de rechthebbende om aannemelijk te maken dat de aangetroffen hoeveelheid voor eigen gebruik was. De bestuursrechter is van mening dat de bewoner van de woning in Sprang-Capelle aan de eisen die daaraan gesteld worden heeft voldaan en veegt de argumenten van de gemeente van tafel.

De rechtbank heeft volgens de Afdeling terecht geoordeeld dat de verklaring van de Sprang-Capellenaar over zijn hennepgebruik helder en consistent is, dat de huisartsverklaringen voldoende ondersteuning bieden voor zijn stelling dat hij hennep gebruikt ter pijnbestrijding en dat in de woning verder geen zaken zijn aangetroffen die op drugshandel wijzen.

De burgemeester moet alle proceskosten terugbetalen en de woning in Sprang-Capelle blijft open.

De volledige uitspraak van de ABRvS kunt u hier lezen.

De verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening en Sjanneke de Crom

Op 4 september 2018 werd in een loods in Heerlen meer dan 130 kilogram MDMA-houdende stoffen aangetroffen. Vier verdachten werden ter plaatse aangehouden en door het OM onder meer verdacht van het verwerken van MDMA-houdend poeder tot XTC-tabletten en het opzettelijk aanwezig hebben van de voornoemde hoeveelheid harddrugs.

De officier van justitie achtte onder meer zowel het verwerken als het opzettelijk aanwezig hebben van de verdovende middelen bewezen en eiste hoge gevangenisstraffen. Maar, de rechtbank is het met de verdediging eens: door de manier van tenlasteleggen komt de rechtbank aan een relevant deel van de tenlastelegging niet toe.

Twee verdachten zijn na een eis van 4 jaar gevangenisstraf veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk. Lees de volledige uitspraken in deze zaken:

https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBLIM:2019:2425

https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBLIM:2019:2421

Twee andere verdachten zijn na een eis van 5 jaar gevangenisstraf veroordeeld tot een gevangenisstraf van 30 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk. Lees de volledige uitspraken in deze zaken:

https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBLIM:2019:2424

https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBLIM:2019:2423

Een van de verdachten in deze zaak wordt bijgestaan door Serge Weening

De politie heeft donderdagavond een grote hennepfabriek in een loods op bedrijventerrein De Horsel in Nuth ontdekt.

De fabriek aan de Termiekstraat werd geheel ontmanteld. Dat schrijven wijkagenten Marcus Fijneman en Dennis van Maenen op Twitter. In het bedrijfspand werden ook racefietsen opgeslagen.

De politie doet onderzoek naar de hennepfabriek. Het is nog onbekend of er ook mensen zijn aangehouden.

Dat heeft de rechtbank in Maastricht bepaald. A. deed via zijn advocaat het verzoek om de strafzaak thuis af te wachten, maar daar ging de rechter woensdag niet in mee. 

Afwachten
“Volgende week is het precies één jaar dat mijn cliënt in voorlopige hechtenis zit. Elke verdachte heeft het recht zijn zaak in vrijheid af te wachten”, zei advocaat Serge Weening vrijdag in de rechtbank.

‘Bij mijn moeder zijn’
De verdachte gaf aan dat hij graag thuis wil zijn. “Voor mij is het gewoon belangrijk dat ik bij mijn moeder kan zijn.” De officier van justitie ging niet mee in het verzoek van hem en zijn advocaat. “Ik verzet me tegen dat verzoek. De duur van de voorlopige hechtenis is deels te danken aan Armin A. zelf”, aldus de rechter. “De rechtbank ziet wel dat er persoonlijk belang is, dat u graag uw moeder wilt zien, maar de rechtbank vindt het recidivegevaar te groot.” 

Recidivegevaar
Volgens de officier van justitie zit Armin A. al zo lang in voorlopige hechtenis, omdat hij eerder een verklaring heeft afgelegd die later niet bleek te kloppen. Daarnaast probeerde hij met briefjes getuigen te beïnvloeden.

Zedenzaak
Armin A. is misschien nog wel het meest bekend door zijn rol in de Valkenburgse zedenzaak. In 2015 werd hij veroordeeld in de zaak, omdat hij de toen 16-jarige Kimberley dwong om betaalde seks te hebben met tientallen klanten, in een hotelkamer in het Valkenburg. 

Geslagen en geschopt
Ondertussen heeft Armin A. zijn opgelegde straf na de zedenzaak uitgezeten, maar daarna ging hij weer in de fout. In augustus 2018 gaf hij al in de rechtbank toe de vrouw uit Kerkrade te hebben geslagen en geschopt. Ook gaf hij toe drie maanden in softdrugs te hebben gehandeld.

Persoonlijkheidsstoornis
Verschillende psychologen adviseerden in augustus al dat A. een tbs-behandeling moet krijgen. Uit onderzoek zou blijken dat hij een persoonlijkheidsstoornis heeft. Op 28 maart staat gepland dat A. voor onderzoek naar het psychiatrische Pieterbaan Centrum in Almere gaat.

De rechtszaak gaat verder op 10 april. Dan staat er weer een pro-formazitting op de planning. In de rechtbank sprak advocaat Weening zijn frustratie uit. Hij verwacht dat de inhoudelijke behandeling pas in augustus of september wordt ingepland.

Meerdere verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening en Lodewijk Rinsma

Drugslab had ondergrondse ruimtes

Een van de verdachten in deze zaak wordt bijgestaan door Francoise Landerloo

Het Openbaar Ministerie moet vier verdachten die betrokken zouden zijn geweest bij een groot drugslab in Velden voor vrijdagmiddag vijf uur vrijlaten.

Het gaat om mannen uit Sittard, Geleen en Beek. Dat heeft de rechtbank in Roermond bepaald. Een van hen zit al sinds de inval in de productieplaats voor amfetamine op 22 november 2017 vast. De rechtbank acht de gevangenhouding niet meer ‘opportuun’.

Stroomstoring

Het proces tegen de in totaal zes verdachten kon vrijdag niet doorgaan vanwege een stroomstoring in gevangenis De Geerhorst in Sittard. Daardoor bleef de deur van de cel van een verdachte uit Geleen een tijd dicht. De parketpolitie kon de man pas om kwart over elf bij het gerechtsgebouw afleveren. De strafzitting had om negen uur moeten beginnen. „Het is gezien het aantal verdachten en advocaten niet reëel om vandaag nog met de inhoudelijk behandeling van de zaak te beginnen”, zei de rechtbankvoorzitter. Een nieuwe zittingsdatum is nog niet bekend.

De rechtbank bood de verdediging van de vier gedetineerden wel de gelegenheid schorsingsverzoeken in te dienen. De raadslieden vinden dat hun cliënten inmiddels meer dan lang genoeg gedetineerd zitten. Hun standpunt: dat de zaak moet worden aangehouden is een technisch probleem. Dat kan niemand worden verweten. De verdachten mogen daar in hun visie niet de dupe van worden. Zij vroegen minimaal een schorsing tot aan de strafzitting.

Omvang

Officier van justitie Monique Smits verzette zich tegen de voorlopige vrijlating. Zij verwees onder ander naar de omvang van het drugslaboratorium. De productieplaats van amfetamine in het buitengebied van Velden-Schandelo is waarschijnlijk kort in gebruik geweest. Het zou wel een groot lab zijn geweest.

De rechtbank ging in haar beslissing uiteindelijk verder dan de wens van de raadslieden. De gevangenhouding van alle verdachten werd niet geschorst, maar helemaal opgeheven, zoals advocaat Françoise Landerloo voor een van haar cliënten had bepleit. De onzekerheid over een nieuwe zittingsdatum speelde bij die beslissing ook mee. Twee andere verdachten, mannen uit Neer en Velden, zijn al langer op vrije voeten.

Meerdere verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening, Francoise Landerloo en Ivo van de Bergh

Bij een grote actie tegen hennepteelt heeft de politie dinsdagochtend veertien personen aangehouden. Er zijn op verschillende plekken in Limburg, Brabant en Gelderland 29 panden doorzocht.

In totaal werden er 1600 hennepplanten aangetroffen, 1900 stekken en rond de 25.000 euro aan contant geld aangetroffen. Daarnaast kon de politie veertien auto’s en motoren met een waarde van 165.000 euro in beslag nemen.

Ook zijn er diverse goederen voor de hennepteelt gevonden en in beslag genomen. Ook trof de politie de nodige wapens, teasers, computers en mobiele telefoons aan. Ook deze werden in beslag genomen. Deze worden nader onderzocht.

Van den B.
Mario van den B. uit Sittard is een van de veertien personen die is aangehouden. Hij is woonachtig op de Dorpstraat in Sittard en is eigenaar van een tuincentrum aan de Rijksweg in Geleen. Ook daar deed de politie een inval en zijn spullen in beslag genomen. Van de andere dertien aanhoudende personen is identiteit nog niet bekendgemaakt.

Informatie
Volgens de politie zegt Paul de Rooij (politiechef basiseenheid Westelijke Mijnstreek) dat er informatie is binnengekomen bij de politie dat zicht gaf op dit netwerk. In mei zijn er vervolgens diverse onderzoeken gestart. Volgens Sjraar Cox was de actie gericht op het veilige maken van de woonwijken vanwege de drugscriminaleit.

Het verhoor van de veertien verdachten moet duidelijk maken wie welke rol had in de organisatie.

Volgens woordvoerder van politie en justitie richt het onderzoek zich niet op de “loopjongens”, maar op de kern van de organisatie die met de wietteelt in de regio rond Sittard bezig is. Deze mensen veroorzaken een ondermijning van de samenleving, aldus de politie.

Onrust
Burgemeester Sjraar Cox van Sittard sprak over onrust in veel wijken. “Een bepaalde groep mensen waant zich onaantastbaar en veroorzaakt veel onrust in de eigen woonomgeving”, weet hij. Hij sprak van een aantal onderling verbonden netwerken van criminelen, die deels in elkaar overlopen. “Zo’n web hebben we dinsdag aangepakt”, aldus Cox.

De actie gaat dinsdag nog verder. Meer aanhoudingen worden niet uitgesloten.

Meerdere verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening, Francoise Landerloo en Ivo van de Bergh

De grote politieactie in strijd tegen hennepteelt heeft tot nu toe geleid tot veertien aanhoudingen. Ook zijn er duizenden hennepplanten gevonden. Verder is een geldbedrag van 25.000 euro in beslag genomen.

Dat werd bekendgemaakt tijdens een persconferentie.Auto’s en boten
In totaal werden er in 29 panden een inval gedaan. Dat resulteerde in de vondst van 1600 hennepplanten en 2900 wietstekken. Verder werden veertien auto’s en boten ter waarde van 120.000 euro in beslag genomen. Daarnaast vond de politie veel goederen voor hennepteelt, maar ook tasers, wapens, computers en mobiele telefoons. Die zijn allemaal meegenomen voor onderzoek. 

<iframe width=”768″ height=”432″ style=”width:768px; height:432px;”onload=”this.src += ‘#!referrer=’+encodeURIComponent(location.href)+’&realReferrer=’+encodeURIComponent(document.referrer)” src=”https://limburg.bbvms.com/p/website/c/3211019.html?inheritDimensions=true” frameborder=”0″ webkitallowfullscreen mozallowFullscreen oallowFullscreen msallowFullscreen allowfullscreen ></iframe>

Westelijke Mijnstreek
De politie startte begin mei op basis van signalen een onderzoek naar het grote drugsnetwerk. Bij de actie zijn dinsdag bijna 200 medewerkers betrokken van het Openbaar Ministerie, de politie, de Belastingdienst, het Ministerie van Defensie en het Team ondermijning Limburg. De invallen vonden voornamelijk plaats in de Westelijke Mijnstreek. Daarnaast zijn panden doorzocht in Heerlen, Kerkrade, Elsloo, locaties in Noord- en Midden-Limburg en Gelderland.

Onaantastbaar
De laatste maanden vond in Sittardse woonwijken een aantal ontploffingen plaats die te maken hadden met ingerichte drugslabs. “Een bepaalde groep mensen waant zich onaantastbaar en veroorzaakt veel onrust in de eigen woonomgeving. Met andere partijen hebben we de aankomende periode ingezet om mensen te beschermen”, vertelt burgemeester Sjraar Cox tijdens de persconferentie. “De invallen moeten ertoe leiden dat we het web een halt toeroepen.”

De meeste aanhoudingen waren in Sittard en Geleen, maar ook in Kerkrade, Heerlen, Velddriel en Kerkdriel werden mensen opgepakt. Voormalig growshop-eigenaar Mario van den B. uit Sittard is een van de veertien verdachten die werd opgepakt.

De verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening

De politie heeft dinsdagavond vijf verdachten aangehouden na een drugsinval in Heerlen. Er werd een grote hoeveelheid synthetische drugs en een tabletteermachine gevonden in een loods.

Naast de drugs en tabletteermachine zijn er meerdere auto’s en een camper in beslag genomen.

Een 25-jarige man uit Oirsbeek, een 26-jarige man uit Heerlen en twee mannen uit Hoensbroek van 42 en 44 jaar werden aangehouden. Zij waren op dat moment aanwezig op het terrein.
Ook op twee andere locaties in Heerlen werden doorzoekingen gehouden. Daar werd een 53-jarige man uit Hoensbroek aangehouden.

De politie kwam de locaties op het spoor naar aanleiding van informatie uit een lopend onderzoek. Er wordt onderzocht hoe lang de tabletteermachine al in productie was. De verdachten worden vrijdag voorgeleid.

Een van de verdachten in deze zaak wordt bijgestaan door Lodewijk Rinsma

Politie en justitie hebben in Limburg een groot drugsnetwerk opgerold.

In Brunssum werden vier mannen opgepakt die worden verdacht van drugshandel via het zogenoemde darkweb. Dat is een afgeschermd deel van het internet dat met name voor criminele praktijken wordt gebruikt.Enveloppen
De mannen zouden de bestelde drugs, vooral xtc-tabletten, via postpakketten en enveloppen versturen. Het gaat om mannen van 24, 27, 35 en 53 jaar. De zaak kwam aan het rollen toen PostNL vorig jaar pakketjes met drugs ontdekte. 

Hele wereld
De mannen worden verdacht van onder andere naar het buitenland versturen van drugs en witwassen. De drugs werden vanuit verschillende landen over de hele wereld besteld. Tijdens het onderzoek zijn verschillende zendingen onderschept.

Bij verschillende huizen en bedrijven is dinsdag de boel doorzocht. De politie heeft geld en verschillende spullen in beslag genomen.

Een van de verdachten in deze zaak wordt bijgestaan door Lodewijk Rinsma

Vier mannen uit Brunssum zijn dinsdag opgepakt omdat ze drugs verhandelden via het darkweb, een afgeschermd deel van internet. Ze maakten en verstuurden vooral xtc per post naar afnemers in verschillende landen over de hele wereld.

De bende was op een tiental plekken in Limburg actief en handelde niet alleen in drugs, maar ook in bitcoins. De mannen van 24, 27, 35 en 53 jaar worden ook verdacht van witwassen.

Huiszoekingen
Bij de aanhoudingen waren zeventig mensen van verschillende instanties actief. Ze deden huiszoeking op tien plekken. Daar werden tientallen zakjes met in totaal tienduizenden pillen, enkele kilo’s hasj en wiet en een hoeveelheid geld, heroïne en cocaïne gevonden. De drugs zijn vernietigd. Ook is een productielijn voor synthetische drugs opgerold.

De verdachten worden vrijdag voorgeleid aan de rechter-commissaris in Rotterdam. Het onderzoek startte nadat PostNL vorig jaar bij een controle pakketjes met drugs ontdekte.

Samenwerking
Bij de actie en het onderzoek waren behalve het Landelijk Parket ook het Functioneel Parket, de Landelijke Eenheid van de politie, de Fiod, de Belastingdienst, het ministerie van Defensie en de securityafdeling van PostNL betrokken. Specialisten van het ministerie van Defensie zochten naar verborgen ruimtes.

De FIOD doet verder onderzoek naar de handel in bitcoins en de (criminele) inkomsten van verdachten. Tijdens het onderzoek zijn verschillende zendingen onderschept. Hierdoor zijn afnemers waarschijnlijk gaan klagen waarna de account van de hoofdverdachte (tijdelijk) is verwijderd van de marktplaats, zo ontdekte het onderzoeksteam.

Darkweb
Het darkweb is onderdeel van internet, maar de websites zijn niet vindbaar voor zoekmachines. Ze bieden onder meer ruimte aan zwarte markten voor drugs en kinderporno. Een bekend voorbeeld van een darkmarket was de Hansa Market, die in 2017 door politie en justitie in Nederland werd “overgenomen” en offline gehaald. De illegale markt was op dat moment een van de populairste op het anonieme darkweb.

De verdachte in deze zaak wordt bijgestaan door Serge Weening
De 41-jarige Brunssummer Ralph P. is geen producent van captagonpillen, die uiteindelijk als pepmiddelen voor jihadisten in het Midden-Oosten worden gebruikt.

Hij heeft slechts zijn loods aan een kennis ter beschikking gesteld voor de productie van de synthetische drugs. Dat stelde P. woensdag voor de rechtbank in Rotterdam, waar hij vijf jaar cel tegen zich hoorde eisen.

Drugsmilieu
Die straf is volgens het openbaar ministerie gerechtvaardigd omdat hij deel zou uitmaken van het drugsmilieu, dat zich met wapens en camera’s beschermt tegen indringers en vele duizenden euro’s drugsgeld witwast door grote aankopen contant te betalen.

De inval in P.’s boerderij aan de Titus Brandsmastraat aan de rand van Brunssum vorig jaar april was landelijk nieuws, omdat daarbij ruim drie kilo aan pillen met het captagonlogo werd gevonden. Het was de eerste keer dat het pepmiddel in Nederland werd aangetroffen. Het wordt onder meer gebruikt door jihadisten van IS, die daarmee angst, honger en vermoeidheid onderdrukken. Daarnaast zijn tientallen kilo’s amfetamine gevonden.

Arabische wereld
Een verband tussen de productie in Brunssum en het Midden-Oosten is volgens justitie nooit aangetoond. Ook zijn er geen pillen uit de loods vervoerd, omdat de tabletteermachine pas één dag in werking was. Mogelijk komt de link met de Arabische wereld alsnog op tafel als de twee voortvluchtige hoofdverdachten worden aangehouden. Hun dna is in P.’s loods gevonden, ze zijn twee bekenden van de politie.

Eén van hen was een kennis van Ralph P. Hij wilde diens loods voor de duur van één week huren voor 2500 euro. “Ik wist dat hij iets deed dat niet klopte, maar ik heb hem niet gevraagd waarvoor hij de loods nodig had. Naderhand wel. Toen vertelde hij dat hij er pillen wilde slaan”, verklaarde P.

Stofzuiger
P. ontkent dat hij bij de productie heeft meegeholpen, hij heeft alleen een stofzuiger, handschoenen, mondkapjes en een speciekuip voor de daders gekocht. Dat hij de ochtend voor de inval met mondkapje op en handschoenen aan heeft staan kijken in de loods, maakt van hem geen producent, stelt zijn advocaat Serge Weening.

“Hij heeft in korte tijd een paar domme fouten gemaakt”, zegt Weening. Daarmee bedoelt hij de hennepkwekerij die hij een ruimte verder had en de drie vuurwapens en munitie die hij in zijn woning had. Twee wapens waren onbedoelde erfstukken van zijn vader, het derde was een betaling van iemand die schulden bij P. had.

Harde werker
Want de Brunssummer, die al sinds april vastzit, is een harde werker die geld verdient met klussen als bomen kappen, hout klieven en auto’s opknappen en verkopen. Zo komt hij aan grote sommen cash geld. Weening vindt anderhalf jaar cel, waarvan een deel voorwaardelijk, gepast vanwege het wapenbezit, de loodsverhuur en de hennepkwekerij.

Zijn ex-vriendin zou volgens haar advocate Francoise Landerloo moeten worden vrijgesproken. Haar is ook structureel witwassen en verboden wapenbezit ten laste gelegd, waarvoor ze volgens justitie anderhalf jaar cel zou moeten krijgen. Maar Landerloo stelt dat zij niet van de wapens kon weten en dat zij haar inkomsten eerlijk verkreeg met yogalessen, alimentatie en schenkingen uit de familie.

De politie heeft woensdag drie mannen (van 33, 38 en 59 jaar) aangehouden die betrokken zijn bij een grote hennepplantage in Kerkrade.

Er werden zo’n 500 planten aangetroffen. Naast de actie in Kerkrade, zijn er ook doorzoekingen geweest in Heerlen en Simpelveld.
De drie aanhoudingen komen voort uit een grote politieactie tegen georganiseerde hennepteelt in december. Er werden toen vijf personen aangehouden. Eén van de verdachten zit nog steeds vast; het gaat om een 30-jarige man uit Valkenburg.

Lees ook: Automatische wapens en tientallen kilo’s hennep gevonden.

Het onderzoek wordt gedaan door het team Ondermijning Limburg, dat de verwevenheid tussen onder- en bovenwereld aanpakt en zo criminele netwerken op het gebied van drugshandel wil verstoren.

Bij een meubelzaak aan de Heerlense Meubelboulevard is in de nacht van vrijdag op zaterdag een auto naar binnen gereden.

De bestuurder van de auto was onwel geworden na gebruik van alcohol en drugs, meldt de politie. De pui van de zaak aan In de Cramer en een deel van de inventaris raakten flink beschadigd door de dronkemansactie. De bestuurder is aangehouden.

Heropening
Juist op zaterdag zou de winkel weer opengaan na een uitgebreide verbouwing die drie weken duurde. Die heropening wordt nu uitgesteld naar dinsdag. De eigenaar zegt wel dat klanten ook tijdens de opruimwerkzaamheden zaterdag gewoon geholpen zullen worden.

ECLI:NL:GHSHE:2016:5166

Uitspraak
Afdeling strafrecht
Parketnummer : 20-002005-15
Uitspraak : 21 november 2016
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
‘s-Hertogenbosch
gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant van 11 juni 2015 in de strafzaak met parketnummer 01-879634-14 tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
thans verblijvende in PI Zuid West – De Dordtse Poorten te Dordrecht.

Hoger beroep
Bij vonnis waarvan beroep is verdachte ter zake van – kort gezegd – het medeplegen van moord veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 jaren met aftrek van voorarrest.
De verdachte heeft tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de twee advocaten-generaal.
De advocaten-generaal hebben gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal vernietigen en, opnieuw rechtdoende, verdachte ter zake van het ten laste gelegde feit zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 jaren met aftrek van voorarrest.
De twee raadslieden van verdachte hebben vrijspraak van het ten laste gelegde bepleit.

Vonnis waarvan beroep
Het beroepen vonnis zal worden vernietigd omdat het niet te verenigen is met de hierna te geven beslissing.

Tenlastelegging
Aan verdachte is – na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg – ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 27 februari 2014 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade [slachtoffer] van het leven heeft beroofd, immers heeft/hebben verdachte en/of (een of meer van) zijn mededader(s) met dat opzet en al dan niet na kalm beraad en rustig overleg, met een of meer vuurwapen(s) (meermalen) een of meer kogel(s) in de richting van die [slachtoffer] afgevuurd, waarbij die [slachtoffer] door een of meer van die kogel(s) is getroffen, ten gevolge waarvan voornoemde [slachtoffer] is overleden.

De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Vrijspraak
Vaststaande feiten
Bij de beoordeling gaat het hof uit van de hierna te vermelden vaststaande feiten. Daarbij overweegt het hof dat het uitsluitend gaat om die feiten, waarover – vanwege het daarnaar gedane onderzoek over de juistheid van de corresponderende bewijsmiddelen – geen discussie meer bestaat.
Het hof stelt – met dit uitgangspunt- de volgende vaststaande feiten vast:
– Op 27 februari 2014 tussen 21.20 tot 21.24 uur is [slachtoffer] op de parkeerplaats van de [plaats] te Eindhoven (hierna: plaats delict 1), direct nadat hij uit zijn auto was gestapt, door een of meerdere personen beschoten. Deze personen of één van hen, maakten daarbij gebruik van ten minste twee vuurwapens. [slachtoffer] is zeven keer geraakt. Nadat [slachtoffer] onder vuur is genomen, zijn twee personen met een motorscooter weggereden. Deze motorscooter is korte tijd later op circa 1.400 meter afstand van plaats delict 1 brandend achtergelaten op de [plaats 2] te Eindhoven (hierna: plaats delict 2). De identiteit van de motorscooter was door de vervalste identificerende gegevens en de brand niet meer vast te stellen.
– Op 28 februari 2014 om 2.41 uur is [slachtoffer] overleden aan zijn verwondingen in het Catharina Ziekenhuis te Eindhoven. Meer in het bijzonder is hij overleden aan een bloeding in buik en borstholte veroorzaakt door perforerend geweld van meerdere kogels.
– Op de dag van de aanslag op [slachtoffer] stonden vier personen via speciaal daarvoor gebruikte telefoonnummers (eindigend op [telefoonnummer 1] , [telefoonnummer 2] , [telefoonnummer 3] en [telefoonnummer 4] ) met elkaar in contact via sms-berichten. Via deze telefoons werden de gebruikers op de hoogte gehouden van de bewegingen van [slachtoffer] kort voor de aanslag.
– De telefoonnummers eindigend op [telefoonnummer 2] en [telefoonnummer 4] zijn op de dag van de aanslag op [slachtoffer] door respectievelijk [medeverdachte 1] en verdachte gekocht.
– Uit zendmastgegevens blijkt dat gebruikers van de telefoonnummers [telefoonnummer 2] en [telefoonnummer 4] ten tijde van de aanslag op de plaats delict 1 en kort na de aanslag (acht à negen minuten later) op plaats delict 2 kunnen zijn geweest. Plaatsen die op een relatief korte afstand van elkaar zijn gelegen (hemelsbreed 1.400 meter).
– Na de moord op [slachtoffer] zijn [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] (via [medeverdachte 2] ) door [medeverdachte 1] meerdere keren onder druk gezet om geld te betalen.

Geen direct (objectief feitelijk) bewijs
Het hof heeft met de verdediging vastgesteld dat op of nabij de twee plaatsen delict geen sporen zijn aangetroffen en veiliggesteld die (een van de) verdachte(n) direct linken aan de aanslag op [slachtoffer] . Evenmin hebben (oog)getuigen verklaard over de aanwezigheid van verdachte(n) aldaar of het geven van opdracht tot de aanslag. De verdachten ontkennen betrokken te zijn bij de moord op [slachtoffer] dan wel heb zich consequent op hun zwijgrecht beroepen.
Juist vanwege de afwezigheid van dergelijke bewijsmiddelen heeft het hof de overige door de rechtbank weergegeven en door de advocaten-generaal aangehaalde (indirecte) bewijsmiddelen zeer behoedzaam beoordeeld en gewaardeerd.

Telefoonnummer [telefoonnummer 4]
De betrokkenheid van verdachte bij de moord op [slachtoffer] zou volgens de rechtbank en de advocaten-generaal (onder meer) blijken uit het feit dat verdachte de gebruiker is geweest van het telefoonnummer eindigend op [telefoonnummer 4] . Dit telefoonnummer en een bijbehorende telefoon zijn door verdachte gekocht op 27 februari 2014 bij de Kijkshop te Eindhoven.
Verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep ten aanzien van die koop – kort en zakelijk weergegeven – verklaard dat hij in de middag van 27 februari 2014 met [medeverdachte 1] , in de auto van [medeverdachte 1] ’s moeder, naar Eindhoven is gereden. Na een bezoek aan de zonnestudio heeft [medeverdachte 1] tegen verdachte gezegd dat hij een telefoon moest kopen. Verdachte heeft buiten de Kijkshop gewacht. Omdat [medeverdachte 1] drie mobiele telefoons nodig had en hij er bij de Kijkshop maar twee mocht kopen, heeft [medeverdachte 1] aan verdachte gevraagd om de derde mobiele telefoon voor hem te kopen. Na de aankoop heeft verdachte de door hem gekochte telefoon in het zakje gedaan bij de door [medeverdachte 1] gekochte telefoons. Dat zakje heeft hij in de auto van de moeder van [medeverdachte 1] gelegd. De telefoon heeft hij daarna niet meer gezien en het betreffende telefoonnummer ( [telefoonnummer 4] ) heeft hij ook niet gebruikt. Deze had ik immers voor [medeverdachte 1] gekocht, aldus verdachte.
Het hof heeft er acht op geslagen dat verdachte deze verklaring pas heeft afgelegd gedurende de procedure in hoger beroep en derhalve na kennisname van het gehele procesdossier. Desondanks is door deze verklaring van verdachte gerede twijfel bij het hof ontstaan of verdachte de gebruiker is geweest van het nummer eindigend op [telefoonnummer 4] .
Deze twijfel is vergroot, omdat de verklaring van verdachte over de gang van zaken bij de koop van de telefoon en het telefoonnummer steun vindt in de volgende feiten en omstandigheden.
– De filiaalmanager van de betreffende Kijkshop heeft bevestigd dat per transactie maximaal twee prepaid telefoons mochten worden gekocht (zie het aanvullende proces-verbaal ‘Kijkshop aankoop telefoons’ d.d. 22 januari 2016).
– Op grond van de ter terechtzitting in hoger beroep bekeken camerabeelden heeft het hof vastgesteld dat [medeverdachte 1] twee telefoons heeft gekocht en afgerekend. [medeverdachte 1] verdwijnt daarna uit beeld. Korte tijd later komen [medeverdachte 1] en verdachte weer in beeld. Zij hebben contact met elkaar. [medeverdachte 1] koopt dan een telefoon en, terwijl de verkoopster bezig is met het afhandelen van de verkoop, geeft [medeverdachte 1] een tasje met daarin de twee zojuist door hem gekochte telefoons aan verdachte. Verdachte stopt de derde telefoon in het tasje en loopt, na de koop, met het tasje met daarin drie telefoons het beeld weer uit.
– Uit de kassabonnen van beide transacties blijkt dat [medeverdachte 1] naast twee mobiele telefoons, drie keer € 10,- beltegoed heeft gekocht. Verdachte heeft om 14.28 uur alleen een mobiele telefoon gekocht (p. 1010 en 1011).
Gelet op het vorenstaande acht het hof de verklaring van verdachte dat hij de telefoon en het telefoonnummer eindigend op [telefoonnummer 4] heeft gekocht voor [medeverdachte 1] en hij niet de gebruiker is geweest van dit telefoonnummer, aannemelijk.
Verklaringen [medeverdachte 3]
De betrokkenheid van verdachte bij de moord op [slachtoffer] , zou volgens de advocaten-generaal tevens blijken uit de verklaring van [medeverdachte 3] bij de raadsheer-commissaris d.d. 20 april 2016.
Bij de raadsheer-commissaris d.d. 20 april 2016 heeft [medeverdachte 3] – voor zover hier van belang en kort weergeven – verklaard dat zij en [medeverdachte 2] onder druk zijn gezet en werden bedreigd door (onder meer) verdachte en [medeverdachte 1] om geld te betalen. De betalingsdruk en bedreigingen hielden verband met cocaïne die in haar woning heeft gelegen. Omdat zij geen verdovende middelen meer in haar woning wilde hebben, heeft zij de cocaïne aan haar minnaar [medeverdachte 2] gegeven. Daarna werd zij (onder meer) aan de deur van haar woning bedreigd door verdachte. In de periode dat zij aan het sms-en was, begin maart 2014, wist [medeverdachte 3] dat zij met onder andere verdachte heeft ge-sms’t. Via [medeverdachte 2] zou [medeverdachte 3] aan het telefoonnummer van verdachte zijn gekomen. Op de vraag of zij weet wie er achter de moord zitten, heeft [medeverdachte 3] verklaard dat haar vermoedens bevestigd werden toen [medeverdachte 1] en verdachte zijn opgepakt.
Het hof ziet zich gesteld voor de vraag of de verklaringen van [medeverdachte 3] betrouwbaar en aannemelijk zijn. Het hof beantwoordt deze vraag voor zover betrekking hebbend op de bedreigingen ontkennend. Bij zijn oordeel heeft het hof acht geslagen op de navolgende omstandigheden.
i. Wisselende verklaringen [medeverdachte 3]
heeft wisselend verklaard. Bij de politie heeft zij op 4 maart 2014 verklaard (onder meer) bedreigd te zijn door [persoon 1] , achtervolgd te zijn door een Lexus met [kenteken] en bedreigd te zijn door een persoon met de bijnaam ‘Karper’ (p. 440-450). De politie heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar de gestelde bedreigers en de Lexus.
Pas bij de raadsheer-commissaris – en derhalve na kennisname van de resultaten van deze onderzoeken en na kennisname van de telefonische contacten waaruit blijkt dat [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] onder druk zijn gezet door [medeverdachte 1] om te betalen – heeft [medeverdachte 3] verklaard dat zij (ook) bedreigd is door verdachte en [medeverdachte 1] .
ii. Dwaalspoor [persoon 1]
Ter gelegenheid van het hiervoor bedoelde verhoor van [medeverdachte 3] op 4 maart 2014 heeft zij signalementen van de gestelde bedreigers gegeven en compositietekeningen van twee van de bedreigers laten maken (p. 440-450, 455 en 456).
Op 6 maart 2014 vindt de volgende sms-conversatie plaats tussen [medeverdachte 3] ( [telefoonnummer 7] ) en [medeverdachte 2] ( [telefoonnummer 6] ):
[medeverdachte 3] : “Ze hebben eentje en meerdere op oog”.
[medeverdachte 2] : “Je zegt net ze gaan er twee oppakken maar wie dan”, “Je zegt net ze pakken er dadelijk twee welke hoek gaan ze heen dan” en “?”.
[medeverdachte 3] : “Andere hoek heb verkeerd gestuurd” en “Heb ffoto moeten maken”.
[medeverdachte 2] : “Ok niet in deze hoek dus” (p. 4188) (onderstreping aangebracht door het hof).
Op 11 maart 2014 heeft [medeverdachte 3] ( [telefoonnummer 7] ) een Meld Misdaad Anoniem (MMA)-melding gedaan waarin ze heeft verklaard dat ze [persoon 1] in het café hoorde praten over zijn voornemen om [slachtoffer] te vermoorden. [medeverdachte 3] zegt dan dat ze [slachtoffer] zelf niet kent (p. 1423 en 2328).
Op grond van deze feiten en omstandigheden concludeert het hof dat [medeverdachte 3] de politie bewust op een dwaalspoor heeft gezet. Deze conclusie vindt steun in de omstandigheid dat na uitgebreid onderzoek van de politie, geen aanwijzingen naar voren zijn gekomen die de verklaringen van [medeverdachte 3] over de bedreigingen van [persoon 1] en een persoon met de bijnaam ‘Karper’ bevestigen en evenmin dat de genoemde Lexus iets met verdachte en/of [slachtoffer] te maken had (p. 1420-1434).

iii. Dwaalspoor [getuige 1]
Op 19 februari 2015 heeft gedetineerde [getuige 1] , die met [medeverdachte 3] gedetineerd zat in het Huis van Bewaring Ter Peel te Evertsoord, een brief getoond aan een Penitentiair Inrichtingswerker (hierna: PIW-er). Op de voorkant van het briefje stonden trefwoorden/zinnen die verband hielden met (de moord op) [slachtoffer] . Op de achterzijde stond een persoon getekend, met daarop aangegeven plaatsen op het lichaam van die persoon waar zich tatoeages en een litteken bevonden (zie het verslag opgemaakt door de PIW-er d.d. 24 februari 2015, separaat gevoegd en de bijlagen 1 en 2 gevoegd achter het proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 25 november 2015). [getuige 1] heeft daarbij verteld dat ze werd bedreigd door [medeverdachte 3] om haar delict op zich te nemen.
Op grond van deze feiten en omstandigheden concludeert het hof dat [medeverdachte 3] heeft getracht een nieuw dwaalspoor uit te zetten.

iv. Afstemmen verklaringen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3]
Uit het dossier blijkt dat [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] kort voor en na de moord op [slachtoffer] voortdurend telefonisch in contact met elkaar hebben gestaan via sms-/Whatsapp-berichten met telefoonnummers die telkens na een relatief korte tijd werden vervangen. Dit via telefoonnummers die hoofdzakelijk gebruikt werden voor contacten met elkaar (p. 4170-4212). Tijdens de contacten met deze ‘geheime nummers’ tussen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] werd ook gesproken over hetgeen verklaard moest worden tegen de politie (zie bv. p. 4179). Dat verklaringen tussen beiden zijn afgestemd blijkt ook uit de inhoud van een OVC-gesprek d.d. 16 juni 2014 (p. 3329-3333).
v. Aannemelijkheid scenario cocaïne
Voorts is naar het oordeel van het hof het door [medeverdachte 3] naar voren gebrachte scenario dat zij en [medeverdachte 2] onder druk werden gezet en werden bedreigd door (onder meer) [medeverdachte 1] en verdachte om geld te betalen voor cocaïne die niet zou zijn betaald door [slachtoffer] , en die bij [medeverdachte 3] thuis heeft gelegen ten tijde van de detentie van [slachtoffer] , ook op zichzelf genomen onaannemelijk. Het hof vermag immers niet in te zien waarom, indien [medeverdachte 3] cocaïne aan haar minnaar [medeverdachte 2] heeft gegeven, [medeverdachte 2] na de druk en bedreigingen niet of de cocaïne of het geld dat daarmee is verdiend, aan [medeverdachte 1] of verdachte heeft teruggegeven. [medeverdachte 2] heeft immers erkend in verdovende middelen te handelen, zodat het hof ervan uitgaat dat hij de kanalen had om de cocaïne te verkopen.
Deelconclusie
Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen onder i tot en met v. acht het hof de verklaringen van [medeverdachte 3] , waaronder haar verklaring bij de raadsheer-commissaris d.d. 20 april 2016 betrekking hebbend op bedreigingen door verdachte en sms-contacten met verdachte, onbetrouwbaar. Het hof acht de verklaring van [medeverdachte 3] afgelegd bij de raadsheer-commissaris d.d. 20 april 2016 derhalve niet bruikbaar voor het bewijs, zodat op grond van die verklaring evenmin het telefoonnummer [telefoonnummer 4] aan verdachte kan worden gekoppeld.

Zendmastgegeven [telefoonnummer 4]
Resteert de vaststelling van de politie dat het nummer [telefoonnummer 4] in de periode dat het actief was een aantal keer samen met een nummer in gebruik bij verdachte ( [telefoonnummer 5] ) tegelijk heeft aangestraald op dezelfde zendmast (p. 2824). Deze enkele vaststelling is naar het hof onvoldoende om verdachte als gebruiker aan het telefoonnummer eindigend op [telefoonnummer 4] te koppelen.

Gesprekken over betalingen
De betrokkenheid van verdachte bij de moord op [slachtoffer] , zou volgens de rechtbank en de advocaten-generaal tevens blijken uit de inhoud van sms- en Whatsapp-berichten die betrekking hadden op betalingen van [medeverdachte 3] .
De advocaten-generaal hebben in dit verband specifiek verwezen naar de sms-berichten die [medeverdachte 2] ( [telefoonnummer 6] ) naar [medeverdachte 3] ( [telefoonnummer 7] heeft verzonden op 5 maart 2014 om 20.54 uur en 21.08 uur, inhoudende: “Ja, afspraak was drie dagen later nu is zes dagen later die ene jongen is van kwaadheid terug uit Turkije gekomen” en “Ja ene uit Turkije terug wil komen ja hij wil centen zien” (onderstreping door het hof). Vaststaat dat verdachte op
28 februari 2014 is vertrokken naar Turkije en op 5 maart 2014 vanuit Turkije naar Nederland is vertrokken. Terwijl zijn reisgenoot, [getuige 2] , pas op 10 maart 2014 is teruggekomen. Op grond daarvan concluderen de advocaten-generaal en de rechtbank dat verdachte degene is geweest die eerder is teruggekomen uit Turkije, omdat hij geld wilde ontvangen van [medeverdachte 3] .
Naar het oordeel van het hof heeft de verdediging, onderbouwd door stukken van onder meer de luchtvaartmaatschappij, aangetoond dat verdachte reeds op 25 februari 2014 een retourticket naar Turkije heeft geboekt, met als datum van de terugvlucht 5 maart 2014. Het hof kan derhalve niet met voldoende zekerheid vaststellen dat verdachte de persoon is geweest die uit kwaadheid (eerder) uit Turkije zou zijn teruggekomen, omdat hij geld van [medeverdachte 3] wilde hebben.
Dat verdachte de dag na de moord naar Turkije is vertrokken omdat hij “van de radar” af wilde zijn, zoals door de advocaten-generaal is gesuggereerd, kan het hof evenmin vaststellen. De verdediging heeft – onderbouwd met bescheiden – aangetoond dat het een van tevoren geboekte reis met een vriend betrof.

Overige bewijsmiddelen
De overige in het dossier bevindende bewijsmiddelen zijn naar het oordeel van het hof onvoldoende redengevend om verdachte met een voldoende mate van zekerheid te koppelen aan de moord op [slachtoffer] .

Conclusie
Op grond van het voorgaande overweegt het hof dat er in het dossier aanknopingspunten zijn waaruit naar voren komt dat er een relatie is tussen de moord op [slachtoffer] en verdachte. Het hof acht het dan ook onbegrijpelijk dat verdachte in eerste aanleg geen openheid van zaken heeft gegeven en bijvoorbeeld niet heeft verklaard over zijn reisbewegingen naar Turkije en de redenen daarvan. Echter, naar het oordeel van het hof kan niet wettig en overtuigend worden bewezen dat verdachte betrokken is geweest bij de moord op [slachtoffer] . De door de rechtbank weergegeven en door de advocaten-generaal aangehaalde bewijsmiddelen zijn – ook in onderlinge samenhang bezien – daarvoor onvoldoende redengevend.

Opheffing voorlopige hechtenis
Als gevolg van deze beslissing dient de voorlopige hechtenis met ingang van heden te worden opgeheven.

Voorwaardelijk verzoek
De advocaten-generaal hebben het verzoek gedaan om, indien het hof overweegt verdachte vrij te spreken, de verklaring van [medeverdachte 3] afgelegd ter terechtzitting d.d. 24 oktober 2016 in het dossier van verdachte te voegen. In deze verklaring zou [medeverdachte 3] haar verklaring afgelegd bij de raadsheer-commissaris d.d. 20 april 2016, voor zover inhoudende dat zij wist dat ze met verdachte heeft ge-sms’t hebben herhaald.
Nu aan de gestelde voorwaarde is voldaan, dient het hof te oordelen over het voorwaardelijke verzoek van de advocaten-generaal.
Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen ten aanzien van de onbetrouwbaarheid van de verklaringen van [medeverdachte 3] , acht het hof het niet noodzakelijk om de verklaring van [medeverdachte 3] afgelegd ter terechtzitting d.d. 24 oktober 2016 in het dossier van verdachte te voegen.
Het hof wijst het verzoek af.

BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Wijst af het voorwaardelijke verzoek van de advocaten-generaal tot het voegen van de verklaring van [medeverdachte 3] afgelegd ter terechtzitting d.d. 24 oktober 2016 in het dossier van verdachte.

Heft op de voorlopige hechtenis met ingang van heden.
Aldus gewezen door
mr. A.M.G. Smit, voorzitter,
mr. A.R.O. Mooy en mr. P.J. Hödl, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. R.P. van der Pijl, griffier,
en op 21 november 2016 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

Het spijt ons. Deze media is niet meer beschikbaar.

Het spijt ons. Deze media is niet meer beschikbaar.

Op 25 maart 2016 deed de voorzieningenrechter van rechtbank Limburg wederom uitspraak in een door mw. mr. J.J.H.M. de Crom gestarte voorlopige voorzieningenprocedure in het kader van een woningsluiting. Na het aantreffen van een geringe hoeveelheid hennep in een woning in Maastricht, wilde de burgemeester van Gemeente Maastricht in het kader van artikel 13b Opiumwet de woning sluiten voor de duur van drie maanden. Hierdoor zouden de bewoners per direct op straat komen te staan.

Namens verzoekers is aangevoerd dat de beslissing van de burgemeester in bezwaarfase geen stand kan houden en dat wegens spoedeisend belang een voorlopige voorziening toegewezen zou moeten worden. Volgens de Crom mag de woning niet gesloten worden, omdat de hennep die in de woning aangetroffen was, geen “handelshoeveelheid” is. De hoeveelheid hennep die was aangetroffen in de woning, was bedoeld voor eigen gebruik.

De voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg acht bovenstaande, gezien de situatie van bewoners, niet onaannemelijk en is van mening dat de voorziening moet worden toegewezen. Hangende de bezwaarfase mag Gemeente Maastricht de woning niet sluiten.

De door mr. A.L. Rinsma bijgestane verdachte is tevens vrijgesproken van het voorhanden hebben van cocaïne en wiet in de woning waar hij door de politie werd aangetroffen.

Het spijt ons. Deze media is niet meer beschikbaar.

Het spijt ons. Deze media is niet meer beschikbaar.

Op 17 december 2015 deed de voorzieningenrechter van rechtbank Limburg uitspraak op het door mw. mr. J.J.H.M. de Crom ingediende verzoek om een voorlopige voorziening in het kader van een woningsluiting. Na het aantreffen van een hennepplantage in de garage, wil de burgemeester van Gemeente Landgraaf in het kader van artikel 13b Opiumwet het gehele perceel inclusief woning sluiten voor de duur van drie maanden. Hierdoor zouden de bewoners binnenkort op straat komen te staan, met alle gevolgen van dien.

Namens verzoekers is aangevoerd dat de beslissing van de burgemeester in de bezwaarfase geen stand kan houden en dat wegens spoedeisend belang een voorlopige voorziening toegewezen zou moeten worden. Volgens de Crom zijn er in deze zaak dergelijke bijzondere omstandigheden aan de orde, die moeten leiden tot een gedeeltelijke sluiting van enkel de garage.

De voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg is van mening dat de belangen van de bewoners in deze zaak zwaarder moeten wegen dan de belangen van de Gemeente Landgraaf. Hangende de lopende bezwaarfase mag de Gemeente het perceel inclusief woning dus niet sluiten.

Zal de burgemeester van de gemeente Landgraaf na deze uitspraak van de voorzieningenrechter van rechtbank Limburg tot andere inzichten komen?

Door Bjorn Thimister

BRUNSSUM – De Limburgse opsporingsdiensten zijn op een bedrijventerrein in Brunssum bezig met een grootschalige zoekactie naar een begraven lijk. Daarbij wordt onder andere gebruik gemaakt van een graafmachine en speurhonden. Dit onderzoek kwam aan het rollen na een tip die bij de speurders was binnengekomen.

Het terrein aan de Slesingerstraat, dat grenst aan een klein bos, is door de recherche hermetisch afgesloten. Donderdag ging de aandacht van de speurders vooral uit naar een plaats in de hoek van het vele tientallen meters groot grondstuk, waar tot voor kort twee bedrijfsloodsen stonden. Elk stukje wordt minutieus nagekeken en onderzocht door mannen in witte pakken. Vandaag wordt de zoekactie voortgezet.

Volgens bronnen rondom het onderzoek wordt er ook gezocht naar de eventuele aanwezigheid van explosieven, drugs en partijen contant geld die in de grond verborgen zouden liggen. Op dezelfde plek als waar nu de graafwerkzaamheden plaatsvinden, ontdekten politie en justitie begin maart een drugslab met apparatuur om xtc-pillen te maken.

Ook werden 55 kilo aan xtc, 45 vaten met chemisch afval, 200.000 euro aan contanten in begraven regentonnen en een vuurwapen met munitie gevonden. Daarbij werden de bewoners, de 54-jarige Cor V. en zijn partner Jeanny (48) aangehouden. Laatstgenoemde is inmiddels weer op vrije voeten gesteld, maar blijft wel nog steeds verdachte.

Stef Bergmans, advocaat van Cor V., bevestigt dat zijn cliënt in de bajes door de speurders op de hoogte is gebracht van de graafwerkzaamheden. ,,Hem is voorgehouden dat een speurhond lijkenlucht heeft geroken op het terrein en dat ze dus naar een begraven lijk aan het zoeken zijn”, zegt Bergmans. ,,Mijn cliënt verklaart echter niks te weten van een dood lichaam. Wij wachten het onderzoek af.”

Page 1 of 31 2 3