Chat with us, powered by LiveChat

Meerdere verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening en Lodewijk Rinsma

Drugslab had ondergrondse ruimtes

Een van de verdachten in deze zaak wordt bijgestaan door Francoise Landerloo

Het Openbaar Ministerie moet vier verdachten die betrokken zouden zijn geweest bij een groot drugslab in Velden voor vrijdagmiddag vijf uur vrijlaten.

Het gaat om mannen uit Sittard, Geleen en Beek. Dat heeft de rechtbank in Roermond bepaald. Een van hen zit al sinds de inval in de productieplaats voor amfetamine op 22 november 2017 vast. De rechtbank acht de gevangenhouding niet meer ‘opportuun’.

Stroomstoring

Het proces tegen de in totaal zes verdachten kon vrijdag niet doorgaan vanwege een stroomstoring in gevangenis De Geerhorst in Sittard. Daardoor bleef de deur van de cel van een verdachte uit Geleen een tijd dicht. De parketpolitie kon de man pas om kwart over elf bij het gerechtsgebouw afleveren. De strafzitting had om negen uur moeten beginnen. „Het is gezien het aantal verdachten en advocaten niet reëel om vandaag nog met de inhoudelijk behandeling van de zaak te beginnen”, zei de rechtbankvoorzitter. Een nieuwe zittingsdatum is nog niet bekend.

De rechtbank bood de verdediging van de vier gedetineerden wel de gelegenheid schorsingsverzoeken in te dienen. De raadslieden vinden dat hun cliënten inmiddels meer dan lang genoeg gedetineerd zitten. Hun standpunt: dat de zaak moet worden aangehouden is een technisch probleem. Dat kan niemand worden verweten. De verdachten mogen daar in hun visie niet de dupe van worden. Zij vroegen minimaal een schorsing tot aan de strafzitting.

Omvang

Officier van justitie Monique Smits verzette zich tegen de voorlopige vrijlating. Zij verwees onder ander naar de omvang van het drugslaboratorium. De productieplaats van amfetamine in het buitengebied van Velden-Schandelo is waarschijnlijk kort in gebruik geweest. Het zou wel een groot lab zijn geweest.

De rechtbank ging in haar beslissing uiteindelijk verder dan de wens van de raadslieden. De gevangenhouding van alle verdachten werd niet geschorst, maar helemaal opgeheven, zoals advocaat Françoise Landerloo voor een van haar cliënten had bepleit. De onzekerheid over een nieuwe zittingsdatum speelde bij die beslissing ook mee. Twee andere verdachten, mannen uit Neer en Velden, zijn al langer op vrije voeten.

Meerdere verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening, Francoise Landerloo en Ivo van de Bergh

Bij een grote actie tegen hennepteelt heeft de politie dinsdagochtend veertien personen aangehouden. Er zijn op verschillende plekken in Limburg, Brabant en Gelderland 29 panden doorzocht.

In totaal werden er 1600 hennepplanten aangetroffen, 1900 stekken en rond de 25.000 euro aan contant geld aangetroffen. Daarnaast kon de politie veertien auto’s en motoren met een waarde van 165.000 euro in beslag nemen.

Ook zijn er diverse goederen voor de hennepteelt gevonden en in beslag genomen. Ook trof de politie de nodige wapens, teasers, computers en mobiele telefoons aan. Ook deze werden in beslag genomen. Deze worden nader onderzocht.

Van den B.
Mario van den B. uit Sittard is een van de veertien personen die is aangehouden. Hij is woonachtig op de Dorpstraat in Sittard en is eigenaar van een tuincentrum aan de Rijksweg in Geleen. Ook daar deed de politie een inval en zijn spullen in beslag genomen. Van de andere dertien aanhoudende personen is identiteit nog niet bekendgemaakt.

Informatie
Volgens de politie zegt Paul de Rooij (politiechef basiseenheid Westelijke Mijnstreek) dat er informatie is binnengekomen bij de politie dat zicht gaf op dit netwerk. In mei zijn er vervolgens diverse onderzoeken gestart. Volgens Sjraar Cox was de actie gericht op het veilige maken van de woonwijken vanwege de drugscriminaleit.

Het verhoor van de veertien verdachten moet duidelijk maken wie welke rol had in de organisatie.

Volgens woordvoerder van politie en justitie richt het onderzoek zich niet op de “loopjongens”, maar op de kern van de organisatie die met de wietteelt in de regio rond Sittard bezig is. Deze mensen veroorzaken een ondermijning van de samenleving, aldus de politie.

Onrust
Burgemeester Sjraar Cox van Sittard sprak over onrust in veel wijken. “Een bepaalde groep mensen waant zich onaantastbaar en veroorzaakt veel onrust in de eigen woonomgeving”, weet hij. Hij sprak van een aantal onderling verbonden netwerken van criminelen, die deels in elkaar overlopen. “Zo’n web hebben we dinsdag aangepakt”, aldus Cox.

De actie gaat dinsdag nog verder. Meer aanhoudingen worden niet uitgesloten.

Meerdere verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening, Francoise Landerloo en Ivo van de Bergh

De grote politieactie in strijd tegen hennepteelt heeft tot nu toe geleid tot veertien aanhoudingen. Ook zijn er duizenden hennepplanten gevonden. Verder is een geldbedrag van 25.000 euro in beslag genomen.

Dat werd bekendgemaakt tijdens een persconferentie.Auto’s en boten
In totaal werden er in 29 panden een inval gedaan. Dat resulteerde in de vondst van 1600 hennepplanten en 2900 wietstekken. Verder werden veertien auto’s en boten ter waarde van 120.000 euro in beslag genomen. Daarnaast vond de politie veel goederen voor hennepteelt, maar ook tasers, wapens, computers en mobiele telefoons. Die zijn allemaal meegenomen voor onderzoek. 

<iframe width=”768″ height=”432″ style=”width:768px; height:432px;”onload=”this.src += ‘#!referrer=’+encodeURIComponent(location.href)+’&realReferrer=’+encodeURIComponent(document.referrer)” src=”https://limburg.bbvms.com/p/website/c/3211019.html?inheritDimensions=true” frameborder=”0″ webkitallowfullscreen mozallowFullscreen oallowFullscreen msallowFullscreen allowfullscreen ></iframe>

Westelijke Mijnstreek
De politie startte begin mei op basis van signalen een onderzoek naar het grote drugsnetwerk. Bij de actie zijn dinsdag bijna 200 medewerkers betrokken van het Openbaar Ministerie, de politie, de Belastingdienst, het Ministerie van Defensie en het Team ondermijning Limburg. De invallen vonden voornamelijk plaats in de Westelijke Mijnstreek. Daarnaast zijn panden doorzocht in Heerlen, Kerkrade, Elsloo, locaties in Noord- en Midden-Limburg en Gelderland.

Onaantastbaar
De laatste maanden vond in Sittardse woonwijken een aantal ontploffingen plaats die te maken hadden met ingerichte drugslabs. “Een bepaalde groep mensen waant zich onaantastbaar en veroorzaakt veel onrust in de eigen woonomgeving. Met andere partijen hebben we de aankomende periode ingezet om mensen te beschermen”, vertelt burgemeester Sjraar Cox tijdens de persconferentie. “De invallen moeten ertoe leiden dat we het web een halt toeroepen.”

De meeste aanhoudingen waren in Sittard en Geleen, maar ook in Kerkrade, Heerlen, Velddriel en Kerkdriel werden mensen opgepakt. Voormalig growshop-eigenaar Mario van den B. uit Sittard is een van de veertien verdachten die werd opgepakt.

De verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening

De politie heeft dinsdagavond vijf verdachten aangehouden na een drugsinval in Heerlen. Er werd een grote hoeveelheid synthetische drugs en een tabletteermachine gevonden in een loods.

Naast de drugs en tabletteermachine zijn er meerdere auto’s en een camper in beslag genomen.

Een 25-jarige man uit Oirsbeek, een 26-jarige man uit Heerlen en twee mannen uit Hoensbroek van 42 en 44 jaar werden aangehouden. Zij waren op dat moment aanwezig op het terrein.
Ook op twee andere locaties in Heerlen werden doorzoekingen gehouden. Daar werd een 53-jarige man uit Hoensbroek aangehouden.

De politie kwam de locaties op het spoor naar aanleiding van informatie uit een lopend onderzoek. Er wordt onderzocht hoe lang de tabletteermachine al in productie was. De verdachten worden vrijdag voorgeleid.

Een van de verdachten in deze zaak wordt bijgestaan door Lodewijk Rinsma

Politie en justitie hebben in Limburg een groot drugsnetwerk opgerold.

In Brunssum werden vier mannen opgepakt die worden verdacht van drugshandel via het zogenoemde darkweb. Dat is een afgeschermd deel van het internet dat met name voor criminele praktijken wordt gebruikt.Enveloppen
De mannen zouden de bestelde drugs, vooral xtc-tabletten, via postpakketten en enveloppen versturen. Het gaat om mannen van 24, 27, 35 en 53 jaar. De zaak kwam aan het rollen toen PostNL vorig jaar pakketjes met drugs ontdekte. 

Hele wereld
De mannen worden verdacht van onder andere naar het buitenland versturen van drugs en witwassen. De drugs werden vanuit verschillende landen over de hele wereld besteld. Tijdens het onderzoek zijn verschillende zendingen onderschept.

Bij verschillende huizen en bedrijven is dinsdag de boel doorzocht. De politie heeft geld en verschillende spullen in beslag genomen.

Een van de verdachten in deze zaak wordt bijgestaan door Lodewijk Rinsma

Vier mannen uit Brunssum zijn dinsdag opgepakt omdat ze drugs verhandelden via het darkweb, een afgeschermd deel van internet. Ze maakten en verstuurden vooral xtc per post naar afnemers in verschillende landen over de hele wereld.

De bende was op een tiental plekken in Limburg actief en handelde niet alleen in drugs, maar ook in bitcoins. De mannen van 24, 27, 35 en 53 jaar worden ook verdacht van witwassen.

Huiszoekingen
Bij de aanhoudingen waren zeventig mensen van verschillende instanties actief. Ze deden huiszoeking op tien plekken. Daar werden tientallen zakjes met in totaal tienduizenden pillen, enkele kilo’s hasj en wiet en een hoeveelheid geld, heroïne en cocaïne gevonden. De drugs zijn vernietigd. Ook is een productielijn voor synthetische drugs opgerold.

De verdachten worden vrijdag voorgeleid aan de rechter-commissaris in Rotterdam. Het onderzoek startte nadat PostNL vorig jaar bij een controle pakketjes met drugs ontdekte.

Samenwerking
Bij de actie en het onderzoek waren behalve het Landelijk Parket ook het Functioneel Parket, de Landelijke Eenheid van de politie, de Fiod, de Belastingdienst, het ministerie van Defensie en de securityafdeling van PostNL betrokken. Specialisten van het ministerie van Defensie zochten naar verborgen ruimtes.

De FIOD doet verder onderzoek naar de handel in bitcoins en de (criminele) inkomsten van verdachten. Tijdens het onderzoek zijn verschillende zendingen onderschept. Hierdoor zijn afnemers waarschijnlijk gaan klagen waarna de account van de hoofdverdachte (tijdelijk) is verwijderd van de marktplaats, zo ontdekte het onderzoeksteam.

Darkweb
Het darkweb is onderdeel van internet, maar de websites zijn niet vindbaar voor zoekmachines. Ze bieden onder meer ruimte aan zwarte markten voor drugs en kinderporno. Een bekend voorbeeld van een darkmarket was de Hansa Market, die in 2017 door politie en justitie in Nederland werd “overgenomen” en offline gehaald. De illegale markt was op dat moment een van de populairste op het anonieme darkweb.

De verdachte in deze zaak wordt bijgestaan door Serge Weening
De 41-jarige Brunssummer Ralph P. is geen producent van captagonpillen, die uiteindelijk als pepmiddelen voor jihadisten in het Midden-Oosten worden gebruikt.

Hij heeft slechts zijn loods aan een kennis ter beschikking gesteld voor de productie van de synthetische drugs. Dat stelde P. woensdag voor de rechtbank in Rotterdam, waar hij vijf jaar cel tegen zich hoorde eisen.

Drugsmilieu
Die straf is volgens het openbaar ministerie gerechtvaardigd omdat hij deel zou uitmaken van het drugsmilieu, dat zich met wapens en camera’s beschermt tegen indringers en vele duizenden euro’s drugsgeld witwast door grote aankopen contant te betalen.

De inval in P.’s boerderij aan de Titus Brandsmastraat aan de rand van Brunssum vorig jaar april was landelijk nieuws, omdat daarbij ruim drie kilo aan pillen met het captagonlogo werd gevonden. Het was de eerste keer dat het pepmiddel in Nederland werd aangetroffen. Het wordt onder meer gebruikt door jihadisten van IS, die daarmee angst, honger en vermoeidheid onderdrukken. Daarnaast zijn tientallen kilo’s amfetamine gevonden.

Arabische wereld
Een verband tussen de productie in Brunssum en het Midden-Oosten is volgens justitie nooit aangetoond. Ook zijn er geen pillen uit de loods vervoerd, omdat de tabletteermachine pas één dag in werking was. Mogelijk komt de link met de Arabische wereld alsnog op tafel als de twee voortvluchtige hoofdverdachten worden aangehouden. Hun dna is in P.’s loods gevonden, ze zijn twee bekenden van de politie.

Eén van hen was een kennis van Ralph P. Hij wilde diens loods voor de duur van één week huren voor 2500 euro. “Ik wist dat hij iets deed dat niet klopte, maar ik heb hem niet gevraagd waarvoor hij de loods nodig had. Naderhand wel. Toen vertelde hij dat hij er pillen wilde slaan”, verklaarde P.

Stofzuiger
P. ontkent dat hij bij de productie heeft meegeholpen, hij heeft alleen een stofzuiger, handschoenen, mondkapjes en een speciekuip voor de daders gekocht. Dat hij de ochtend voor de inval met mondkapje op en handschoenen aan heeft staan kijken in de loods, maakt van hem geen producent, stelt zijn advocaat Serge Weening.

“Hij heeft in korte tijd een paar domme fouten gemaakt”, zegt Weening. Daarmee bedoelt hij de hennepkwekerij die hij een ruimte verder had en de drie vuurwapens en munitie die hij in zijn woning had. Twee wapens waren onbedoelde erfstukken van zijn vader, het derde was een betaling van iemand die schulden bij P. had.

Harde werker
Want de Brunssummer, die al sinds april vastzit, is een harde werker die geld verdient met klussen als bomen kappen, hout klieven en auto’s opknappen en verkopen. Zo komt hij aan grote sommen cash geld. Weening vindt anderhalf jaar cel, waarvan een deel voorwaardelijk, gepast vanwege het wapenbezit, de loodsverhuur en de hennepkwekerij.

Zijn ex-vriendin zou volgens haar advocate Francoise Landerloo moeten worden vrijgesproken. Haar is ook structureel witwassen en verboden wapenbezit ten laste gelegd, waarvoor ze volgens justitie anderhalf jaar cel zou moeten krijgen. Maar Landerloo stelt dat zij niet van de wapens kon weten en dat zij haar inkomsten eerlijk verkreeg met yogalessen, alimentatie en schenkingen uit de familie.

De politie heeft woensdag drie mannen (van 33, 38 en 59 jaar) aangehouden die betrokken zijn bij een grote hennepplantage in Kerkrade.

Er werden zo’n 500 planten aangetroffen. Naast de actie in Kerkrade, zijn er ook doorzoekingen geweest in Heerlen en Simpelveld.
De drie aanhoudingen komen voort uit een grote politieactie tegen georganiseerde hennepteelt in december. Er werden toen vijf personen aangehouden. Eén van de verdachten zit nog steeds vast; het gaat om een 30-jarige man uit Valkenburg.

Lees ook: Automatische wapens en tientallen kilo’s hennep gevonden.

Het onderzoek wordt gedaan door het team Ondermijning Limburg, dat de verwevenheid tussen onder- en bovenwereld aanpakt en zo criminele netwerken op het gebied van drugshandel wil verstoren.

Bij een meubelzaak aan de Heerlense Meubelboulevard is in de nacht van vrijdag op zaterdag een auto naar binnen gereden.

De bestuurder van de auto was onwel geworden na gebruik van alcohol en drugs, meldt de politie. De pui van de zaak aan In de Cramer en een deel van de inventaris raakten flink beschadigd door de dronkemansactie. De bestuurder is aangehouden.

Heropening
Juist op zaterdag zou de winkel weer opengaan na een uitgebreide verbouwing die drie weken duurde. Die heropening wordt nu uitgesteld naar dinsdag. De eigenaar zegt wel dat klanten ook tijdens de opruimwerkzaamheden zaterdag gewoon geholpen zullen worden.

ECLI:NL:GHSHE:2016:5166

Uitspraak
Afdeling strafrecht
Parketnummer : 20-002005-15
Uitspraak : 21 november 2016
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
‘s-Hertogenbosch
gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant van 11 juni 2015 in de strafzaak met parketnummer 01-879634-14 tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
thans verblijvende in PI Zuid West – De Dordtse Poorten te Dordrecht.

Hoger beroep
Bij vonnis waarvan beroep is verdachte ter zake van – kort gezegd – het medeplegen van moord veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 jaren met aftrek van voorarrest.
De verdachte heeft tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de twee advocaten-generaal.
De advocaten-generaal hebben gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal vernietigen en, opnieuw rechtdoende, verdachte ter zake van het ten laste gelegde feit zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 jaren met aftrek van voorarrest.
De twee raadslieden van verdachte hebben vrijspraak van het ten laste gelegde bepleit.

Vonnis waarvan beroep
Het beroepen vonnis zal worden vernietigd omdat het niet te verenigen is met de hierna te geven beslissing.

Tenlastelegging
Aan verdachte is – na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg – ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 27 februari 2014 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade [slachtoffer] van het leven heeft beroofd, immers heeft/hebben verdachte en/of (een of meer van) zijn mededader(s) met dat opzet en al dan niet na kalm beraad en rustig overleg, met een of meer vuurwapen(s) (meermalen) een of meer kogel(s) in de richting van die [slachtoffer] afgevuurd, waarbij die [slachtoffer] door een of meer van die kogel(s) is getroffen, ten gevolge waarvan voornoemde [slachtoffer] is overleden.

De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Vrijspraak
Vaststaande feiten
Bij de beoordeling gaat het hof uit van de hierna te vermelden vaststaande feiten. Daarbij overweegt het hof dat het uitsluitend gaat om die feiten, waarover – vanwege het daarnaar gedane onderzoek over de juistheid van de corresponderende bewijsmiddelen – geen discussie meer bestaat.
Het hof stelt – met dit uitgangspunt- de volgende vaststaande feiten vast:
– Op 27 februari 2014 tussen 21.20 tot 21.24 uur is [slachtoffer] op de parkeerplaats van de [plaats] te Eindhoven (hierna: plaats delict 1), direct nadat hij uit zijn auto was gestapt, door een of meerdere personen beschoten. Deze personen of één van hen, maakten daarbij gebruik van ten minste twee vuurwapens. [slachtoffer] is zeven keer geraakt. Nadat [slachtoffer] onder vuur is genomen, zijn twee personen met een motorscooter weggereden. Deze motorscooter is korte tijd later op circa 1.400 meter afstand van plaats delict 1 brandend achtergelaten op de [plaats 2] te Eindhoven (hierna: plaats delict 2). De identiteit van de motorscooter was door de vervalste identificerende gegevens en de brand niet meer vast te stellen.
– Op 28 februari 2014 om 2.41 uur is [slachtoffer] overleden aan zijn verwondingen in het Catharina Ziekenhuis te Eindhoven. Meer in het bijzonder is hij overleden aan een bloeding in buik en borstholte veroorzaakt door perforerend geweld van meerdere kogels.
– Op de dag van de aanslag op [slachtoffer] stonden vier personen via speciaal daarvoor gebruikte telefoonnummers (eindigend op [telefoonnummer 1] , [telefoonnummer 2] , [telefoonnummer 3] en [telefoonnummer 4] ) met elkaar in contact via sms-berichten. Via deze telefoons werden de gebruikers op de hoogte gehouden van de bewegingen van [slachtoffer] kort voor de aanslag.
– De telefoonnummers eindigend op [telefoonnummer 2] en [telefoonnummer 4] zijn op de dag van de aanslag op [slachtoffer] door respectievelijk [medeverdachte 1] en verdachte gekocht.
– Uit zendmastgegevens blijkt dat gebruikers van de telefoonnummers [telefoonnummer 2] en [telefoonnummer 4] ten tijde van de aanslag op de plaats delict 1 en kort na de aanslag (acht à negen minuten later) op plaats delict 2 kunnen zijn geweest. Plaatsen die op een relatief korte afstand van elkaar zijn gelegen (hemelsbreed 1.400 meter).
– Na de moord op [slachtoffer] zijn [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] (via [medeverdachte 2] ) door [medeverdachte 1] meerdere keren onder druk gezet om geld te betalen.

Geen direct (objectief feitelijk) bewijs
Het hof heeft met de verdediging vastgesteld dat op of nabij de twee plaatsen delict geen sporen zijn aangetroffen en veiliggesteld die (een van de) verdachte(n) direct linken aan de aanslag op [slachtoffer] . Evenmin hebben (oog)getuigen verklaard over de aanwezigheid van verdachte(n) aldaar of het geven van opdracht tot de aanslag. De verdachten ontkennen betrokken te zijn bij de moord op [slachtoffer] dan wel heb zich consequent op hun zwijgrecht beroepen.
Juist vanwege de afwezigheid van dergelijke bewijsmiddelen heeft het hof de overige door de rechtbank weergegeven en door de advocaten-generaal aangehaalde (indirecte) bewijsmiddelen zeer behoedzaam beoordeeld en gewaardeerd.

Telefoonnummer [telefoonnummer 4]
De betrokkenheid van verdachte bij de moord op [slachtoffer] zou volgens de rechtbank en de advocaten-generaal (onder meer) blijken uit het feit dat verdachte de gebruiker is geweest van het telefoonnummer eindigend op [telefoonnummer 4] . Dit telefoonnummer en een bijbehorende telefoon zijn door verdachte gekocht op 27 februari 2014 bij de Kijkshop te Eindhoven.
Verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep ten aanzien van die koop – kort en zakelijk weergegeven – verklaard dat hij in de middag van 27 februari 2014 met [medeverdachte 1] , in de auto van [medeverdachte 1] ’s moeder, naar Eindhoven is gereden. Na een bezoek aan de zonnestudio heeft [medeverdachte 1] tegen verdachte gezegd dat hij een telefoon moest kopen. Verdachte heeft buiten de Kijkshop gewacht. Omdat [medeverdachte 1] drie mobiele telefoons nodig had en hij er bij de Kijkshop maar twee mocht kopen, heeft [medeverdachte 1] aan verdachte gevraagd om de derde mobiele telefoon voor hem te kopen. Na de aankoop heeft verdachte de door hem gekochte telefoon in het zakje gedaan bij de door [medeverdachte 1] gekochte telefoons. Dat zakje heeft hij in de auto van de moeder van [medeverdachte 1] gelegd. De telefoon heeft hij daarna niet meer gezien en het betreffende telefoonnummer ( [telefoonnummer 4] ) heeft hij ook niet gebruikt. Deze had ik immers voor [medeverdachte 1] gekocht, aldus verdachte.
Het hof heeft er acht op geslagen dat verdachte deze verklaring pas heeft afgelegd gedurende de procedure in hoger beroep en derhalve na kennisname van het gehele procesdossier. Desondanks is door deze verklaring van verdachte gerede twijfel bij het hof ontstaan of verdachte de gebruiker is geweest van het nummer eindigend op [telefoonnummer 4] .
Deze twijfel is vergroot, omdat de verklaring van verdachte over de gang van zaken bij de koop van de telefoon en het telefoonnummer steun vindt in de volgende feiten en omstandigheden.
– De filiaalmanager van de betreffende Kijkshop heeft bevestigd dat per transactie maximaal twee prepaid telefoons mochten worden gekocht (zie het aanvullende proces-verbaal ‘Kijkshop aankoop telefoons’ d.d. 22 januari 2016).
– Op grond van de ter terechtzitting in hoger beroep bekeken camerabeelden heeft het hof vastgesteld dat [medeverdachte 1] twee telefoons heeft gekocht en afgerekend. [medeverdachte 1] verdwijnt daarna uit beeld. Korte tijd later komen [medeverdachte 1] en verdachte weer in beeld. Zij hebben contact met elkaar. [medeverdachte 1] koopt dan een telefoon en, terwijl de verkoopster bezig is met het afhandelen van de verkoop, geeft [medeverdachte 1] een tasje met daarin de twee zojuist door hem gekochte telefoons aan verdachte. Verdachte stopt de derde telefoon in het tasje en loopt, na de koop, met het tasje met daarin drie telefoons het beeld weer uit.
– Uit de kassabonnen van beide transacties blijkt dat [medeverdachte 1] naast twee mobiele telefoons, drie keer € 10,- beltegoed heeft gekocht. Verdachte heeft om 14.28 uur alleen een mobiele telefoon gekocht (p. 1010 en 1011).
Gelet op het vorenstaande acht het hof de verklaring van verdachte dat hij de telefoon en het telefoonnummer eindigend op [telefoonnummer 4] heeft gekocht voor [medeverdachte 1] en hij niet de gebruiker is geweest van dit telefoonnummer, aannemelijk.
Verklaringen [medeverdachte 3]
De betrokkenheid van verdachte bij de moord op [slachtoffer] , zou volgens de advocaten-generaal tevens blijken uit de verklaring van [medeverdachte 3] bij de raadsheer-commissaris d.d. 20 april 2016.
Bij de raadsheer-commissaris d.d. 20 april 2016 heeft [medeverdachte 3] – voor zover hier van belang en kort weergeven – verklaard dat zij en [medeverdachte 2] onder druk zijn gezet en werden bedreigd door (onder meer) verdachte en [medeverdachte 1] om geld te betalen. De betalingsdruk en bedreigingen hielden verband met cocaïne die in haar woning heeft gelegen. Omdat zij geen verdovende middelen meer in haar woning wilde hebben, heeft zij de cocaïne aan haar minnaar [medeverdachte 2] gegeven. Daarna werd zij (onder meer) aan de deur van haar woning bedreigd door verdachte. In de periode dat zij aan het sms-en was, begin maart 2014, wist [medeverdachte 3] dat zij met onder andere verdachte heeft ge-sms’t. Via [medeverdachte 2] zou [medeverdachte 3] aan het telefoonnummer van verdachte zijn gekomen. Op de vraag of zij weet wie er achter de moord zitten, heeft [medeverdachte 3] verklaard dat haar vermoedens bevestigd werden toen [medeverdachte 1] en verdachte zijn opgepakt.
Het hof ziet zich gesteld voor de vraag of de verklaringen van [medeverdachte 3] betrouwbaar en aannemelijk zijn. Het hof beantwoordt deze vraag voor zover betrekking hebbend op de bedreigingen ontkennend. Bij zijn oordeel heeft het hof acht geslagen op de navolgende omstandigheden.
i. Wisselende verklaringen [medeverdachte 3]
heeft wisselend verklaard. Bij de politie heeft zij op 4 maart 2014 verklaard (onder meer) bedreigd te zijn door [persoon 1] , achtervolgd te zijn door een Lexus met [kenteken] en bedreigd te zijn door een persoon met de bijnaam ‘Karper’ (p. 440-450). De politie heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar de gestelde bedreigers en de Lexus.
Pas bij de raadsheer-commissaris – en derhalve na kennisname van de resultaten van deze onderzoeken en na kennisname van de telefonische contacten waaruit blijkt dat [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] onder druk zijn gezet door [medeverdachte 1] om te betalen – heeft [medeverdachte 3] verklaard dat zij (ook) bedreigd is door verdachte en [medeverdachte 1] .
ii. Dwaalspoor [persoon 1]
Ter gelegenheid van het hiervoor bedoelde verhoor van [medeverdachte 3] op 4 maart 2014 heeft zij signalementen van de gestelde bedreigers gegeven en compositietekeningen van twee van de bedreigers laten maken (p. 440-450, 455 en 456).
Op 6 maart 2014 vindt de volgende sms-conversatie plaats tussen [medeverdachte 3] ( [telefoonnummer 7] ) en [medeverdachte 2] ( [telefoonnummer 6] ):
[medeverdachte 3] : “Ze hebben eentje en meerdere op oog”.
[medeverdachte 2] : “Je zegt net ze gaan er twee oppakken maar wie dan”, “Je zegt net ze pakken er dadelijk twee welke hoek gaan ze heen dan” en “?”.
[medeverdachte 3] : “Andere hoek heb verkeerd gestuurd” en “Heb ffoto moeten maken”.
[medeverdachte 2] : “Ok niet in deze hoek dus” (p. 4188) (onderstreping aangebracht door het hof).
Op 11 maart 2014 heeft [medeverdachte 3] ( [telefoonnummer 7] ) een Meld Misdaad Anoniem (MMA)-melding gedaan waarin ze heeft verklaard dat ze [persoon 1] in het café hoorde praten over zijn voornemen om [slachtoffer] te vermoorden. [medeverdachte 3] zegt dan dat ze [slachtoffer] zelf niet kent (p. 1423 en 2328).
Op grond van deze feiten en omstandigheden concludeert het hof dat [medeverdachte 3] de politie bewust op een dwaalspoor heeft gezet. Deze conclusie vindt steun in de omstandigheid dat na uitgebreid onderzoek van de politie, geen aanwijzingen naar voren zijn gekomen die de verklaringen van [medeverdachte 3] over de bedreigingen van [persoon 1] en een persoon met de bijnaam ‘Karper’ bevestigen en evenmin dat de genoemde Lexus iets met verdachte en/of [slachtoffer] te maken had (p. 1420-1434).

iii. Dwaalspoor [getuige 1]
Op 19 februari 2015 heeft gedetineerde [getuige 1] , die met [medeverdachte 3] gedetineerd zat in het Huis van Bewaring Ter Peel te Evertsoord, een brief getoond aan een Penitentiair Inrichtingswerker (hierna: PIW-er). Op de voorkant van het briefje stonden trefwoorden/zinnen die verband hielden met (de moord op) [slachtoffer] . Op de achterzijde stond een persoon getekend, met daarop aangegeven plaatsen op het lichaam van die persoon waar zich tatoeages en een litteken bevonden (zie het verslag opgemaakt door de PIW-er d.d. 24 februari 2015, separaat gevoegd en de bijlagen 1 en 2 gevoegd achter het proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 25 november 2015). [getuige 1] heeft daarbij verteld dat ze werd bedreigd door [medeverdachte 3] om haar delict op zich te nemen.
Op grond van deze feiten en omstandigheden concludeert het hof dat [medeverdachte 3] heeft getracht een nieuw dwaalspoor uit te zetten.

iv. Afstemmen verklaringen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3]
Uit het dossier blijkt dat [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] kort voor en na de moord op [slachtoffer] voortdurend telefonisch in contact met elkaar hebben gestaan via sms-/Whatsapp-berichten met telefoonnummers die telkens na een relatief korte tijd werden vervangen. Dit via telefoonnummers die hoofdzakelijk gebruikt werden voor contacten met elkaar (p. 4170-4212). Tijdens de contacten met deze ‘geheime nummers’ tussen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] werd ook gesproken over hetgeen verklaard moest worden tegen de politie (zie bv. p. 4179). Dat verklaringen tussen beiden zijn afgestemd blijkt ook uit de inhoud van een OVC-gesprek d.d. 16 juni 2014 (p. 3329-3333).
v. Aannemelijkheid scenario cocaïne
Voorts is naar het oordeel van het hof het door [medeverdachte 3] naar voren gebrachte scenario dat zij en [medeverdachte 2] onder druk werden gezet en werden bedreigd door (onder meer) [medeverdachte 1] en verdachte om geld te betalen voor cocaïne die niet zou zijn betaald door [slachtoffer] , en die bij [medeverdachte 3] thuis heeft gelegen ten tijde van de detentie van [slachtoffer] , ook op zichzelf genomen onaannemelijk. Het hof vermag immers niet in te zien waarom, indien [medeverdachte 3] cocaïne aan haar minnaar [medeverdachte 2] heeft gegeven, [medeverdachte 2] na de druk en bedreigingen niet of de cocaïne of het geld dat daarmee is verdiend, aan [medeverdachte 1] of verdachte heeft teruggegeven. [medeverdachte 2] heeft immers erkend in verdovende middelen te handelen, zodat het hof ervan uitgaat dat hij de kanalen had om de cocaïne te verkopen.
Deelconclusie
Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen onder i tot en met v. acht het hof de verklaringen van [medeverdachte 3] , waaronder haar verklaring bij de raadsheer-commissaris d.d. 20 april 2016 betrekking hebbend op bedreigingen door verdachte en sms-contacten met verdachte, onbetrouwbaar. Het hof acht de verklaring van [medeverdachte 3] afgelegd bij de raadsheer-commissaris d.d. 20 april 2016 derhalve niet bruikbaar voor het bewijs, zodat op grond van die verklaring evenmin het telefoonnummer [telefoonnummer 4] aan verdachte kan worden gekoppeld.

Zendmastgegeven [telefoonnummer 4]
Resteert de vaststelling van de politie dat het nummer [telefoonnummer 4] in de periode dat het actief was een aantal keer samen met een nummer in gebruik bij verdachte ( [telefoonnummer 5] ) tegelijk heeft aangestraald op dezelfde zendmast (p. 2824). Deze enkele vaststelling is naar het hof onvoldoende om verdachte als gebruiker aan het telefoonnummer eindigend op [telefoonnummer 4] te koppelen.

Gesprekken over betalingen
De betrokkenheid van verdachte bij de moord op [slachtoffer] , zou volgens de rechtbank en de advocaten-generaal tevens blijken uit de inhoud van sms- en Whatsapp-berichten die betrekking hadden op betalingen van [medeverdachte 3] .
De advocaten-generaal hebben in dit verband specifiek verwezen naar de sms-berichten die [medeverdachte 2] ( [telefoonnummer 6] ) naar [medeverdachte 3] ( [telefoonnummer 7] heeft verzonden op 5 maart 2014 om 20.54 uur en 21.08 uur, inhoudende: “Ja, afspraak was drie dagen later nu is zes dagen later die ene jongen is van kwaadheid terug uit Turkije gekomen” en “Ja ene uit Turkije terug wil komen ja hij wil centen zien” (onderstreping door het hof). Vaststaat dat verdachte op
28 februari 2014 is vertrokken naar Turkije en op 5 maart 2014 vanuit Turkije naar Nederland is vertrokken. Terwijl zijn reisgenoot, [getuige 2] , pas op 10 maart 2014 is teruggekomen. Op grond daarvan concluderen de advocaten-generaal en de rechtbank dat verdachte degene is geweest die eerder is teruggekomen uit Turkije, omdat hij geld wilde ontvangen van [medeverdachte 3] .
Naar het oordeel van het hof heeft de verdediging, onderbouwd door stukken van onder meer de luchtvaartmaatschappij, aangetoond dat verdachte reeds op 25 februari 2014 een retourticket naar Turkije heeft geboekt, met als datum van de terugvlucht 5 maart 2014. Het hof kan derhalve niet met voldoende zekerheid vaststellen dat verdachte de persoon is geweest die uit kwaadheid (eerder) uit Turkije zou zijn teruggekomen, omdat hij geld van [medeverdachte 3] wilde hebben.
Dat verdachte de dag na de moord naar Turkije is vertrokken omdat hij “van de radar” af wilde zijn, zoals door de advocaten-generaal is gesuggereerd, kan het hof evenmin vaststellen. De verdediging heeft – onderbouwd met bescheiden – aangetoond dat het een van tevoren geboekte reis met een vriend betrof.

Overige bewijsmiddelen
De overige in het dossier bevindende bewijsmiddelen zijn naar het oordeel van het hof onvoldoende redengevend om verdachte met een voldoende mate van zekerheid te koppelen aan de moord op [slachtoffer] .

Conclusie
Op grond van het voorgaande overweegt het hof dat er in het dossier aanknopingspunten zijn waaruit naar voren komt dat er een relatie is tussen de moord op [slachtoffer] en verdachte. Het hof acht het dan ook onbegrijpelijk dat verdachte in eerste aanleg geen openheid van zaken heeft gegeven en bijvoorbeeld niet heeft verklaard over zijn reisbewegingen naar Turkije en de redenen daarvan. Echter, naar het oordeel van het hof kan niet wettig en overtuigend worden bewezen dat verdachte betrokken is geweest bij de moord op [slachtoffer] . De door de rechtbank weergegeven en door de advocaten-generaal aangehaalde bewijsmiddelen zijn – ook in onderlinge samenhang bezien – daarvoor onvoldoende redengevend.

Opheffing voorlopige hechtenis
Als gevolg van deze beslissing dient de voorlopige hechtenis met ingang van heden te worden opgeheven.

Voorwaardelijk verzoek
De advocaten-generaal hebben het verzoek gedaan om, indien het hof overweegt verdachte vrij te spreken, de verklaring van [medeverdachte 3] afgelegd ter terechtzitting d.d. 24 oktober 2016 in het dossier van verdachte te voegen. In deze verklaring zou [medeverdachte 3] haar verklaring afgelegd bij de raadsheer-commissaris d.d. 20 april 2016, voor zover inhoudende dat zij wist dat ze met verdachte heeft ge-sms’t hebben herhaald.
Nu aan de gestelde voorwaarde is voldaan, dient het hof te oordelen over het voorwaardelijke verzoek van de advocaten-generaal.
Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen ten aanzien van de onbetrouwbaarheid van de verklaringen van [medeverdachte 3] , acht het hof het niet noodzakelijk om de verklaring van [medeverdachte 3] afgelegd ter terechtzitting d.d. 24 oktober 2016 in het dossier van verdachte te voegen.
Het hof wijst het verzoek af.

BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Wijst af het voorwaardelijke verzoek van de advocaten-generaal tot het voegen van de verklaring van [medeverdachte 3] afgelegd ter terechtzitting d.d. 24 oktober 2016 in het dossier van verdachte.

Heft op de voorlopige hechtenis met ingang van heden.
Aldus gewezen door
mr. A.M.G. Smit, voorzitter,
mr. A.R.O. Mooy en mr. P.J. Hödl, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. R.P. van der Pijl, griffier,
en op 21 november 2016 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

Het spijt ons. Deze media is niet meer beschikbaar.

Het spijt ons. Deze media is niet meer beschikbaar.

Op 25 maart 2016 deed de voorzieningenrechter van rechtbank Limburg wederom uitspraak in een door mw. mr. J.J.H.M. de Crom gestarte voorlopige voorzieningenprocedure in het kader van een woningsluiting. Na het aantreffen van een geringe hoeveelheid hennep in een woning in Maastricht, wilde de burgemeester van Gemeente Maastricht in het kader van artikel 13b Opiumwet de woning sluiten voor de duur van drie maanden. Hierdoor zouden de bewoners per direct op straat komen te staan.

Namens verzoekers is aangevoerd dat de beslissing van de burgemeester in bezwaarfase geen stand kan houden en dat wegens spoedeisend belang een voorlopige voorziening toegewezen zou moeten worden. Volgens de Crom mag de woning niet gesloten worden, omdat de hennep die in de woning aangetroffen was, geen “handelshoeveelheid” is. De hoeveelheid hennep die was aangetroffen in de woning, was bedoeld voor eigen gebruik.

De voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg acht bovenstaande, gezien de situatie van bewoners, niet onaannemelijk en is van mening dat de voorziening moet worden toegewezen. Hangende de bezwaarfase mag Gemeente Maastricht de woning niet sluiten.

De door mr. A.L. Rinsma bijgestane verdachte is tevens vrijgesproken van het voorhanden hebben van cocaïne en wiet in de woning waar hij door de politie werd aangetroffen.

Het spijt ons. Deze media is niet meer beschikbaar.

Het spijt ons. Deze media is niet meer beschikbaar.

Op 17 december 2015 deed de voorzieningenrechter van rechtbank Limburg uitspraak op het door mw. mr. J.J.H.M. de Crom ingediende verzoek om een voorlopige voorziening in het kader van een woningsluiting. Na het aantreffen van een hennepplantage in de garage, wil de burgemeester van Gemeente Landgraaf in het kader van artikel 13b Opiumwet het gehele perceel inclusief woning sluiten voor de duur van drie maanden. Hierdoor zouden de bewoners binnenkort op straat komen te staan, met alle gevolgen van dien.

Namens verzoekers is aangevoerd dat de beslissing van de burgemeester in de bezwaarfase geen stand kan houden en dat wegens spoedeisend belang een voorlopige voorziening toegewezen zou moeten worden. Volgens de Crom zijn er in deze zaak dergelijke bijzondere omstandigheden aan de orde, die moeten leiden tot een gedeeltelijke sluiting van enkel de garage.

De voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg is van mening dat de belangen van de bewoners in deze zaak zwaarder moeten wegen dan de belangen van de Gemeente Landgraaf. Hangende de lopende bezwaarfase mag de Gemeente het perceel inclusief woning dus niet sluiten.

Zal de burgemeester van de gemeente Landgraaf na deze uitspraak van de voorzieningenrechter van rechtbank Limburg tot andere inzichten komen?

Door Bjorn Thimister

BRUNSSUM – De Limburgse opsporingsdiensten zijn op een bedrijventerrein in Brunssum bezig met een grootschalige zoekactie naar een begraven lijk. Daarbij wordt onder andere gebruik gemaakt van een graafmachine en speurhonden. Dit onderzoek kwam aan het rollen na een tip die bij de speurders was binnengekomen.

Het terrein aan de Slesingerstraat, dat grenst aan een klein bos, is door de recherche hermetisch afgesloten. Donderdag ging de aandacht van de speurders vooral uit naar een plaats in de hoek van het vele tientallen meters groot grondstuk, waar tot voor kort twee bedrijfsloodsen stonden. Elk stukje wordt minutieus nagekeken en onderzocht door mannen in witte pakken. Vandaag wordt de zoekactie voortgezet.

Volgens bronnen rondom het onderzoek wordt er ook gezocht naar de eventuele aanwezigheid van explosieven, drugs en partijen contant geld die in de grond verborgen zouden liggen. Op dezelfde plek als waar nu de graafwerkzaamheden plaatsvinden, ontdekten politie en justitie begin maart een drugslab met apparatuur om xtc-pillen te maken.

Ook werden 55 kilo aan xtc, 45 vaten met chemisch afval, 200.000 euro aan contanten in begraven regentonnen en een vuurwapen met munitie gevonden. Daarbij werden de bewoners, de 54-jarige Cor V. en zijn partner Jeanny (48) aangehouden. Laatstgenoemde is inmiddels weer op vrije voeten gesteld, maar blijft wel nog steeds verdachte.

Stef Bergmans, advocaat van Cor V., bevestigt dat zijn cliënt in de bajes door de speurders op de hoogte is gebracht van de graafwerkzaamheden. ,,Hem is voorgehouden dat een speurhond lijkenlucht heeft geroken op het terrein en dat ze dus naar een begraven lijk aan het zoeken zijn”, zegt Bergmans. ,,Mijn cliënt verklaart echter niks te weten van een dood lichaam. Wij wachten het onderzoek af.”

MAASTRICHT – Nicole S. (29), die in een Duitse cel zit op verdenking van betrokkenheid bij de moord op haar driejarig zoontje in Vaals in april dit jaar, wordt maandag uitgeleverd aan Nederland.

Zij wordt overgebracht naar de gevangenis van Maastricht. Dat bevestigt haar advocaat Ivo van de Bergh. Over deze zaak zijn tot nu toe weinig feiten bekendgemaakt. De vrouw heeft volgens ingewijden verklaard dat zij, terwijl ze onder flinke invloed van drugs en alcohol was, lag te slapen toen haar zoontje om het leven werd gebracht. ‘Ik heb hem niet horen schreeuwen om hulp, dat kan ik niet begrijpen’, aldus S. Volgens haar kan het niet anders dan dat haar vriend verantwoordelijk is voor de dood van de peuter. De man heeft onlangs echter zelfmoord gepleegd. Nicole S. was niet aanwezig bij de begrafenis van haar zoontje in verband met een vervoersprobleem vanuit de bajes. Dit terwijl er wel toestemming was van de opsporingsdiensten om hier naartoe te gaan. Een en ander heeft tot grote ergernis geleid bij S.’ raadsman. Hij heeft hierover inmiddels een klacht ingediend bij justitie in Keulen. ,,Zoiets is toch te schandalig voor woorden. Cliënte is al alles in een klap kwijt en heeft door zo een grove fout nu ook nog geen afscheid van haar kindje kunnen nemen”, aldus Van de Bergh.

MAASTRICHT – Limburg lijkt de laatste tijd weer flink in trek te zijn bij criminelen die zich bezighouden met de productie van xtc en amfetamine in illegale laboratoria. Dat blijkt uit de zoveelste vondst in het zuiden van ons land van gedumpte chemicaliën die voor de productie van xtcpillen gebruikt worden.

In natuurgebied Munnichsbos in het Noord-Limburgse Sint Odiliënberg werden gisteren twintig jerrycans met xtcafval aangetroffen. Uit een van de jerrycans kwam damp vrij. Eerder deze week was het ook al raak in Venlo, waar vele tientallen vaten met duizenden liters drugsafval werden gedumpt en in Roermond werden pallets ontdekt met daarop vaten met uit een drugslab afkomstige chemicaliën.

De politie onderzoekt of deze zaken verband met elkaar houden. Volgens Marcel Heuvelmans, strafpleiter uit Venlo, is de productie van xtc in Limburg de laatste tijd weer flink toegenomen door onder andere de hoge marges die met de verkoop van deze pillen te verdienen zijn. „Er moet gewoon weer geld verdiend worden, zo begrijp ik uit het wereldje. Met de productie van xtc kan dat blijkbaar vrij gemakkelijk en snel. Er hoeven hiervoor niet veel risico’s genomen te worden.”

Heuvelmans zegt daarmee te doelen op de plaatsen waar een drugslab wordt neergezet. „Vaak is dat in een loods of schuur die men gehuurd heeft. In korte tijd worden die pillen daar gemaakt en dan snel op de markt gebracht. Er hoeft daarnaast ook geen stroom te worden afgetapt zoals bij een hennepplantage.” Ook in Maastricht en omgeving neemt het aantal drugslaboratoria de laatste tijd behoorlijk toe. „Ik merk dat aan de zaken die wij binnenkrijgen”, vertelt advocaat Serge Weening.

Herkenbaar

„Dat er de laatste weken zo veel xtc-afval gedumpt wordt in Limburg, laat ook zien dat de productie weer gestegen is. Criminelen gaan namelijk niet ver rijden met een busje vol met vaten, want de geur van de gebruikte grondstoffen is heel herkenbaar. Vaak wordt er daarom gekozen voor een bos in de regio. Daarbij valt op dat een stof als apaan meer gebruikt wordt voor de productie van xtc. Dat spul is makkelijker verkrijgbaar dan bijvoorbeeld een voorheen vaker gebruikte stof als bmk”, aldus Weening.

Onlangs stond ik iemand bij die staande was gehouden bij een verkeerscontrole. Toen de politie hem vroeg uit te stappen sloeg de paniek toe. Mijn cliënt, laten we hem Peter noemen, had namelijk een klein zakje drugs bij zich. In een onbewaakte moment probeerde Peter het zakje weg te gooien. Maar tevergeefs, een agent zag Peter het zakje weggooien en hij werd aangehouden op verdenking van overtreding van de Opiumwet.

Op het politiebureau werd Peter door de politie verhoord. Normaal gesproken zou hij binnen een paar uur weer buiten hebben gestaan. Het ging immers slechts om een geringe hoeveelheid drugs. Toch liep alles anders. Tijdens het verhoor werd Peter namelijk gevraagd of hij er bezwaar tegen had dat zijn woning werd doorzocht. Na enig aandringen met opmerkingen als “Je hebt toch niet te verbergen” en “anders regelen we zelf wel een huiszoekingsbevel”, stemde Peter, in de veronderstelling dat het voor hem beter was mee te werken, in met de doorzoeking. Bij Peter thuis werd een aanzienlijke hoeveelheid drugs aangetroffen, waarmee Peter zijn eigen vonnis had getekend.

De politie mag volgens de wet niet zomaar een woning betreden. Ook wanneer u niets te verbergen heeft hoeft u een wildvreemde nog geen toestemming te geven om door uw persoonlijke spullen te snuffelen. De privacy ie u kunt genieten in uw eigen huis word tin onze rechtstaat als een groot goed gezien. Wat zich in uw eigen huis afspeelt gaat niemand iets aan.

Terug naar Peter. uit ervaring weet ik dat een rechter-commissaris voor ene klein beetje drugs vrijwel nooit een “huiszoekingsgeval” zal geven. Met de toestemming van Peter had de politie echter geen machtiging van de rechter meer nodig en konden de agenten op hun dooie gemak Peters hele woning doorzoeken.

Had Peter geen toestemming gegeven dan was zijn woning nooit doorzocht en had hij binnen een paar uur buiten gestaan.

Daarom is mijn advies: Geef nooit toestemming om uw woning te doorzoeken, voordat u in de gelegenheid bent geweest een advocaat te raadplegen. Ook als u niets te verbergen heeft!

De politie heeft zaterdagmiddag in de Schiestraat in Heerlen (Beersdal) twee mannen aangehouden op verdenking van handel in drugs.

door onze verslaggeefster
HEERLEN

De woning werd gecontroleerd vanwege het vermoeden van drugshandel. Een 25-jarige Heerlenaar die net 50 gram softdrugs had gekocht werd aangehouden. De verkoper, een 38-jarige Heerlenaar, werd ook aangehouden. Tijdens fouillering en in de woning werden een groot geldbedrag (contanten) aangetroffen, iets meer dan 30 grams softdrugs, pepperspray en een boksbeugel. De politie onderzoekt de zaak.

zaterdag, 16 februari 2013 – door Judith Houben

RECHTER ‘Schieten bij drugshandel is te ernstig’

Berry K. (25) uit Maastricht is nog niet veroordeeld. Toch zit hij volgende maand precies één jaar in voorlopige hechtenis wegens verdenking van moord.

De 25 jarige Maastrichtenaar Berry K. zou op 11 maart een 40 jarige man hebben doodgeschoten tijdens een drugsdeal op de Pastoor Kikkenweg. K.’s advocaat Françoise Landerloo vindt het onvoorstelbaar dat haar cliënt zo lang moetw achten op het daadwerkelijke strafproces. Ze zei gisteren tijdens de pro-formazitting in Maastricht dat Berry alleen maar vast zit op basis van getuigenverklaringen. „Eris nog niet eens een sectierapport over de doodsoorzaak van het slachtoffer en er is ook geen enkel ander technisch document. Misschien is het slachtoffer niet eens door een kogel om het leven gekomen”, zegt Landerloo.

Ze vroeg de rechter gisteren om opheffing of op zijn minst schorsing van K.’s voorlopige hechtenis. Maar de rechter kwam niet tegemoet aan haar verzoek. „Alleen de verdenking van moord is niet genoeg om iemand in voorlopige hechtenis te houden. Maar er is in een woonomgeving bij een drugsdeal geschoten met een vuurwapen en dat is ernstig genoeg”, vindt de rechter. Ook Berry’s pleidooi dat hij niet meer gaat dealen, zeker niet met de moordzaak in het verschiet, mocht niet baten. Voorheen dealde hij naar eigen zeggen zeven dagen per week.

„In 2010 was er ook al een verdenking van dealen en wapenbezit. Gelet op het delict weegt het maatschappelijk belang zwaarder dan uw persoonlijk belang”, zei de rechter. De officier van justitie legde uit dat het in deze zaak allemaal langer duurt dan gebruikelijk omdat justitie moet wachten op de Belgische rapporten. Deze zouden 23 februari binnen moeten zijn. Op de dag van de schietpartij in maart kwamen volgens Berry’s verhaal bij de politie drie Belgen drugs bij hem halen in Cadier en Keer. Toen ze een greep deden in zijn zak met drugs zou hij hebben geschoten

door Emil Visser

RECHTBANK Justitie eist vooral werkstraffen

Het telen van wiet mag niet. Maar mensen in financiële nood zien een hennepplantage vaak als oplossing. Zij zijn een simpele prooi voor de georganiseerde misdaad, zo bleek gisteren in de rechtbank in Maastricht.

Maria en Bert zijn beiden rond de zestig jaar. Hun café in Posterholt loopt slecht en ze dreigen failliet te gaan. Ze zien een uitweg als ze horen dat een kennis van hen een wietplantage heeft. Dat levert geld op. Aan deze kennis Erik Vragen ze of hij ook kan regelen dat er bij-hen een wietplantage komt. Erik klopt aan bij zijn contactpersoon Buddy, die maar al te graag een plantage komt aanleggen boven het café. Alles wordt geregeld voor het Stet En als er een boete komt, bijvoorbeeld voor het.aftappen van stroom, betaalt Buddy deze wel. Dit voorbeeld is kenmerkend voor mensen met schulden, diefen wietplantage laten aanleggen. Want édk Erik heeft schulden als hij hesluit Buddy. een `tuintje’ te laten aanleggen op zolder.

3,5 miljoen euro witgewassen volgens justitie

Deze Buddy is lid van een criminele organisatie volgéns het Openbaar Ministerie (0M). En de georganiseerde misdaad lijkt.graag te profiteren van mensen die financieel de penarie zitten. Gisteren verschenen twaalf ineens voor de rechter die op een of andere manier banden onderhielden met de bende van de 30-jarige Buddy L. (30) uit Beek, Thei R. (51.) niet Papenhoven, Marcello T. (46) uit Geleen en Peter S. (5o) uit Brunssum. Hun criminele organisatie, bestaand uit zo’n vijftien personen, Waste Volgens justitie rond de 3,5 miljoen euro wit. Een groot’ deel van dit geld was afkomstig uit wiethandel. Niet alleen plantagebeheerders stonden gisteren voor de

rechter, ook de vaste elektricien van de bende en een vrouw die helpt bij het knippen van hennep to Ppen. Tegen de meeste verdachten die tsteren in Máastricht terechtstonden wèrden werkstraffen .geëist, variërend van 4o tot 1.8o uur. Enkelen hoorden een boete tegen zich eisen of een terugbetaling van het financieel voordeel dat ze haalden uit hunhennephandel. Een uitzondering was een 69-jarigé man uit Best. Hij heeft volgens het OM de stroominstallatie aangelegd in een loods in Schwalmtal, waar een wietplantage vanmeer dan duizend plánten stond:De officier van justitie wil deze verdachte twee maanden achter de tralies hebben. De uitspraken volgen over twée-weken. De ledenijan de bende koinen in september voor de rechter.

donderdag, 08 maart 2012

INVAL Viagra, wapen, drugs, valse merkkleding

SPAUBEEK/BORN – Een 42-jarige inwoner van Spaubeek wordt verdacht van betrokkenheid bij het schietincident rond een woning aan de Koningstraat in Born, juni vorig jaar. Dat heeft de politie gisteren bekendgemaakt. Hij is de vijfde verdachte in deze zaak. De man is afgelopen dinsdag opgepakt. Bij het doorzoeken van zijn woning deed de recherche een reeks vondsten. Een partij valse merkkleding, een stroomstootwapen, 1300 viagrapillen, enkele kil0’s harddrugs en een gestolen auto werden daarbij ontdekt. Ook bleek er een hennepkwekerij te zijn met 240 planten en 4200 hennepstekjes. De 42-jarige vriendin van de man is eveneens opgepakt, in verband met de aangetroffen hennepkwekerij.

In Born werd juni vorig jaar een man bij zijn woning beschoten, die een hennepkwekerij in huis had. Het onderzoek is nog niet afgerond. De politie sluit niet uit dat er meer aanhoudingen volgen.

dinsdag, 06 maart 2012 – door Bjorn Thimister

FAMILIE L. VERDACHT VAN VERWIJNINGEN

MAASTRICHT – In de ruim bemeten villa van de familie L., net over de grens bij Sittard, moet zich volgens justitie tot twee keer toe een afschuwelijk moorddrama hebben afgespeeld. In het huis in het Duitse plaatsje Selfkant-Tilddern werden in een tijdsbestek van dik anderhalf jaar twee mannen koelbloedig vermoord. Daarna werd besloten hun lijken grondig weg te werken om zoveel mogelijk sporen uit te wissen.

Eerst was daar volgens justitie in Maastricht de brute dood van Alan Gergeri, een Irakees die eind 2009 in Sittard verbleef. In vertrouwelijke stukken staat dat Gergeri volgens getuigen zou zijn vermoord omdat hij een van de zoons van het verdachte gezin, de 20-j arige Maurice L., had verkracht. Binnen de familie L. zou toen zijn besloten dat Gergeri om het leven gebracht moest worden. Nadat hij naar de chique boerderijwoning van het Limburgse gezin was gelokt, werd eerst zijn keel doorgesneden, waarna er op hem in werd geslagen met een pikhouweel. Alan Gergeri had geen schijn van kans. Nauwelijks 24 jaar oud was hij op brute wijze aan zijn einde gekomen. Een vergeldingsactie zonder enig mededogen.

Sterk zuur

Maurice L. wordt door recherche en justitie gezien als een van de hoofdverdachten in deze moordzaak. Meerdere getuigen verklaren tegenover de politie dat diezelfde Maurice inderdaad nauw betrokken is geweest bij de moord op Gergeri. Onder anderen zijn jongere broer Michel zou hebben meegeholpen om het lijk door het in sterk zuur te leggen weg te werken. – Maar het bleef volgens de opsporingsdiensten in het bij één moord waar dezelfde familie L. bij betrokken zou zijn geweest. Het is midden 2011 als autohandelaar en wietteler Mouhammed al Jader (29) uit Schinveld van de ene op de andere dag van de aardbodem verdwijnt. In eerste instantie loopt het onderzoek erg stroef, in er na verloop van tijd wijzen steeds meer aanwijzingen in de
richting van de familie L. Al Jader bleek kort voor zijn verdwijning namelijk een conflict over (drugs)geld met voormalig schoonvader Huub L. te hebben gehad. Via de CIE komt tot drie keer toe informatie binnen dat Ai Jader in de woning van L. in Tddern zou zijn gedood, nadat het tweetal een handgemeen had gehad. Daarbij zou in eerste instantie een stroomstootwapen zijn gebruikt, waarna de man zou zijn doodgeschoten.

Voortluchtig

Justitie besluit, mede door deze informatie, uiteindelijk tot aanhouding over te gaan. Vanwege betrokkenheid bij een van deze twee brute moorden zitten op dit moment de broers Maurice en Michel L. (26), hun 58-jarige moeder Els L. (die meerdere keren op Al Jader geschoten zou hebben) en familievriend Ron V. (51) achter de tralies. De eveneens verdachte vader Huub L. en zijn dochter Rachelle zijn op dit moment nog voortvluchtig. Zij staan Europees gesignaleerd. In de dagen na de grootscheepse invallen en arrestaties werd in Duitse horrorhuis van veldbrandsteen uitgebreid (sporen) onderzoek gedaan. Daarbij vonden rechercheurs onder meer een stroomstootwapen en een met bloed besmeurd paar schoenen. Op het bewuste wapen blijkt nu dna te hebben gezeten van de vermoorde Al Jader en van verdachte Maurice L. Het bloed op de op de plaats delict aangetroffen schoenen, eigendom van Michel L., is eveneens van Mouhammed al Jader.

Volgens hun beide advocaten Serge Weening en Ivo van de Bergh ‘zegt dit echter niks’ „Daarmee is zeker niet aangetoond dat ze betrokken zijn geweest bij de moorden.” De oorspronkelijk uit Geleen afkomstige Ron V., die heeft bekend het lichaam van Al Jader met zuur te hebben weggemaakt in zijn Beigische woning, heeft tegenover de politie een uitgebreide verklaring afgelegd over hoe Al Jader precies aan zijn einde zou zijn gekomen.

„De moeder heeft als eerste meerdere keren op Mouhammed geschoten, nadat er een ruzie ontstond tussen haar man Huub en Al Jader. De bloedende Al Jader strompelde rond en viel op mij”, vertelt V. tegen de speurders. Daarna zou hij zelf tegen de aanwezigen in de Duitse woning hebben gezegd dat je ‘zo zelfs niet een hond aan je einde laat komen’, blijkt uit vertrouwelijke stukken. „Daarna heeft iemand anders hem door het hoofd geschoten.”
Wie, dat durft K. uit angst voor represailles niet te vertellen tegen de recherche. Wel bekent hij dat hij bij het opruimen van de dode wietteler en het laten verdwijnen van zijn auto een grote rol heeft gespeeld. „Ik heb auto, met de sleutels in hef , contact, • bij een parkeeio plaats van een recreatiepark in Stein neergezet en zijn op geloste lichaam met zwavel,; en salpeterzuur weggewerkt” maakt. Dat laatste heeft eek tijdje geduurd”, aldus V. tijdens de verhoren.

zaterdag, 03 maart 2012

BORN/HEERLEN – Twee mannen uit Heerlen en Landgraaf, 40 en 48 jaar oud, zijn donderdag opgepakt voor betrokkenheid bij een schietpartij in Born, juni vorig jaar. De twee worden ook in verband gebracht met eenzelfde voorval in de Heerlense wijk Heerlerbaan in de nacht van 4 op 5 juli 2011. In woningen in Valkenburg en Heerlen zijn onder meer tientallen patronen, navigatie-apparatuur en telefoons in beslag genomen. In Born is in de nacht van 18 op 19 juni vorig jaar een man beschoten bij zijn woning aan de Koningsstraat. Hij kwam daarbij met de schrik vrij. In zijn huis trof de politie een hennepkwekerij aan. Een verband met het schietincident werd niet uitgesloten.

In deze zaak zijn nu vier personen opgepakt; behalve de mannen uit Parkstad ook een Tilburger (22) en een man uit Den Bosch (21).

donderdag, 23 februari 2012 – door Siebrand Vos

MISDAAD Advocaat Serge Weening: niet eerder juwelier overvallen met zo weinig geweld en zonder wapens

MAASTRICHT/HEERLEN – Tegen een 25-jarige Heerlenaar is gisteren voor de rechtbank in Maastricht achttien maanden geëist, waarvan zes voorwaardelijk, voor de geruchtmakende overval op juwelier Jambroers in Vrieheide.

De overval op 1 november ging niet onopgemerkt aan de Heerlense wijk Vrieheide voorbij. Scooterende jeugd had buiten de achtervolging van juwelierJambroers overgenomen, nadat die op straat ten val was gekomen. Overvaller M.E. (25) wist via sportvelden te ontsnappen en was toen naar zijn moeder gelopen, verklaarde hij gisteren voor de rechtbank.. Daar had hij zich omgekleed. Zijn moeder was later erg geschrokken toen ze beelden van hem op tv zag. E. gaf zichzelf aan. Hij had vele ‘halve liters bier’ op toen hij tot zijn daad kwam. Omdat E. zei dat hij was doorverwezen door een andere juwelier liet Jambroers, die de deur altijd op slot had, hem binnen. Daar gaf hij de juwelier een duw en ging er met sierraden vandoor. De winkelier viel in een vitrine en raakte gewond.

Officier van justitie Martin Scharenborg achtte diefstal met geweld bewezen, maar twijfelde over de strafmaat en de persoonlijke omstandigheden. Met de jonge Heerlenaar ging het de laatste jaren van kwaad tot erger. Hij begon te drinken en gebruikte zo nu en dan cocaïne. Uiteindelijk was hij zijn baan, zijn meisje en zijn huis kwijtgeraakt en overnachtte hij soms in de dag- en nachtopvang.

Advocaat Serge Weening stelde dat niet eerder een juwelier met zo weinig geweld en zonder wapens was overvallen in Nederland. De officier vond de feiten ernstig genoeg om achttien maanden cel te eisen, waarvan zes voorwaardelijk. Normaal gesproken staat voor zo’n overval met geweld op een juwelier twee tot drie jaar, zei hij. Daarbij kwam dat E. ruimhartig spijt had betuigd; zij het nadrukkelijk niet aan zijn slachtoffer, maar slechts in een brief aan de rechtbank. Hij kondigde ook aan de schade te willen vergoeden als hij weer werk in de bouw zou krijgen.

De schadevordering van de juwelier à 18.000 euro werd niet ontvankelijk verklaard, omdat de onderbouwing te summier was. De officier wilde wel dat E. de opbrengst van de overval, 2400 euro, wordt ontnomen. Uitspraak in maart.

vrijdag, 20 januari 2012 – door Judith Houben

Justitie heeft jarenlang telefoons afgetapt en met getuigen gesproken in een groot onderzoek naar mensenhandel. Hoe gingen de verdachten te werk?

Vanuit zuid-Limburg is jarenlang de handel georganiseerd in minderjarige Nigeriaanse tieners. In en rond de provincie werden ze uitgebuit in de seksindustrie. Dat concludeert justitie na een jarenlang onderzoek. Tenminste zes minderjarige tieners uit Nigeria zijn de voorbije jaren door hoofdverdachte Peggy A.(28) uit Almere, Blessing I.(26) uit Riemst en Johan M. uit Eindhoven tot prostitutie gedwongen na een voodoo-ritueel.Voor de behandeling van het strafproces had de rechtbank deze week gereserveerd, maar de advocaten staken daar een stokje voor. De betekening van Johans dagvaarding was niet geldig, Peggy A. verstond haar tolk niet en de advocaten hadden meer voorbereidingstijd nodig nu hun cliënten ook mensensmokkel ten laste is gelegd. Op verzoek van de verdediging is A.- die nog vast zat- vrijgelaten tot de behandeling, ondanks het vluchtgevaar waar officier van justitie Anneke Rogier ernstig voor vreest. Het is maar goed dat de advocaten nu volop schieten op justitie, want volgens bronnen bij politie en justitie zal dat tijdens de inhoudelijke behandeling lastig worden. De zaak zou goed doortimmerd in elkaar zitten. Justitie heeft telefoongesprekken getapt en zelfs getuigen in Nigeria en Canada gehoord. Tot nu is alleen aan bod gekomen hoe de slachtoffers aan paspoorten kwamen. Bij die zitting is wel al een beetje duidelijk geworden hoe A. en haar compagnons te werk gingen.

Het verhaal begon voor justitie met een tip op 8 april 2009. Ene Peggy, zelf Nigeriaanse, zou al langere tijd op grote schaal Nigeriaanse meisjes naar Nederland laten komen om hierin de seksindustrie te werken. In Afroshop Mama Bee, een kapsalon aan de Boschstraat in Maastricht, ontfutselde ze paspoorten van legaal in Nederland wonende negroïde vrouwen. Zo leende ze tegen een maandelijkse betaling van 150 euro het paspoort van Isabelle S.(27). Tijdens een tussenstop in Italië ondergingen de meisjes een voodoo-ritueel bij ene P.. Hij stuurde hen daarna naar Charleroi Airport. Via de kapperszaak in de Boschstraat kregen ze een paspoort om ‘legaal’ de prostitutie in te gaan.

Velen zullen bij de kapperszaak waarschijnlijk terugdenken aan de grote vechtpartij-11 juli vorig jaar tussen kappers Afro Shop Giselle en Karels barbershop. De kappers zelf zeiden dat het om jaloezie ging. Of dit echt de reden is, kon de politie gisteren niet zeggen. Hoe dan ook, officier van justitie Anneke Rogier gaat er nog niet vanuit dat er een link is tussen die kappersoorlog en de mensenhandel. Via Mama Bee kregen de minderjarige prostituees niet alleen een paspoort om bij controles niet door de mand te vallen. Isabelle S. is voorgesteld drugs te smokkelen en een schijnhuwelijk aan te gaan. De prostituees zou Peggy hebben laten werken in bordelen in Zuid-Limburg, België, Eindhoven en in Aken.Chauffeur Jef H. bracht hen hierheen.Wanneer de verdachten nu moeten voorkomen, is nog niet bekend.

Page 1 of 21 2