De verdachten in deze zaak worden bijgestaan door Serge Weening en Francoise Landerloo

De politie heeft twee mannen opgepakt op verdenking van meerdere inbraken in huizen. Het duo zou op meerdere plekken in Limburg en Zeeland hebben toegeslagen.

Een 30-jarige man uit Heerlen werd vorige week donderdag al opgepakt. De tweede verdachte is een man van 50 uit Maastricht. Hij is deze donderdagochtend opgepakt. Beide mannen werden in Maastricht gearresteerd. 

Meerdere auto’s
Volgens de politie wordt de Heerlenaar in ieder geval verdacht van inbraken in Merselo op 22 januari en in Arcen op 15 februari. Ook zou hij betrokken zijn bij zes woninginbraken in Zeeland. Al die inbraken werden op 15 januari gepleegd. Hij zou ook hebben ingebroken in verschillende auto’s.

Gehuurd
Bij de inbraken werden verschillende auto’s gebruikt. De Maastrichtenaar bleek deze wagens gehuurd te hebben.

De politie zegt nog volop bezig te zijn met het onderzoek. Volgens de politie is de kans groot dat de 30-jarige Heerlenaar bij nog meer woninginbraken betrokken is.

 

Een van de verdachten in deze zaak wordt bijgestaan door Sjanneke de Crom

De mannen die verantwoordelijk zouden zijn voor een gewapende overval op Avondwinkel Beek, in augustus vorig jaar, zijn aangewezen door een informant van de politie.

Deze informant vormt daarmee meteen de spil in de zaak. Zijn verklaringen gelden als bewijs voor justitie, terwijl de verdediging stelt dat zijn verhaal simpelweg niet gebruikt mag worden.Jaren cel
Het Openbaar Ministerie (OM) eiste vorige week in de rechtbank vier jaar celstraf tegen de oudste verdachte, een 51-jarige Sittardenaar. Zijn compagnon, een 32-jarige man uit Geleen, zou drie jaar de gevangenis in moeten. Het verschil tussen die eisen zit onder meer in de vondst die politie deed in de woning van de vijftiger; 900 gram amfetamine in het vriesvak van zijn koelkast, een veerdrukwapen in een vaas en een vuurwapen in de afzuigkap. 

Informant
Het duo kwam via een anonieme tipgever in beeld bij de politie. Ook winkeleigenaar Haroen Jalili werd getipt over de identiteit van één van de daders. “Het is iemand die vaak bij de coffeeshop in Geleen komt en via die weg kwam zijn naam weer bij mij”, vertelde hij eerder tegen 1Limburg.

Geen bewijs
Volgens advocaten Sjoerd van Berge Henegouwen en Sjanneke de Crom is er geen bewijs dat hun cliënten bij de overval betrokken waren. “Ze varen volledig op informatie van de informant, een anonieme tipgever, terwijl dat niet als bewijs geldt. Niet als de verdediging niet de kans krijgt om deze persoon vragen te stellen. Daar hebben we het OM wel om gevraagd, tevergeefs”, zegt Van Berge Henegouwen.

Vrijspraak
De Crom, advocate van de Geleense verdachte, bevestigt die lezing. “En in dat geval blijft er in mijn ogen geen bewijs over. Ik zie echt niet hoe men hier tot een veroordeling zou komen. Normaal gesproken wil ik nog weleens een alternatieve of lagere straf voorstellen, maar zelfs dat heb ik niet gedaan dit keer. Ze hebben niks.” Beide advocaten hebben gepleit voor vrijspraak.

Verzwarende factor
Justitie acht wel degelijk bewezen dat beide mannen de overval hebben gepleegd, zo laat een woordvoerder weten. “En daarbij is er een wapen gebruikt en met een hamer op de toonbank geslagen. Dit gebeurde ook nog eens ‘s avonds, wanneer een winkelier op zijn kwetsbaarst is. Dat is een verzwarende factor.”

De rechter doet volgende week uitspraak.

De verdachte in deze strafzaak wordt bijgestaan door Sjanneke de Crom

De 21-jarige Mousa O. geldt niet meer als verdachte van de moord op Jack Koker in Maastricht.

Dat heeft de rechtbank Maastricht besloten na een verzoek van zijn advocate Sjanneke de Crom. Hij blijft wel nog vastzitten op verdenking van diefstal met geweld.

Messteken
Hagenaar O. verbleef in Maastricht als staalvlechter bij de nieuwe fietsenstalling bij station Maastricht. Hij was samen met zijn vriendin uit Den Haag en de 41-jarige Maastrichtenaar H. op 27 mei in Kokers woning aan het Koningsplein. O. zou het slachtoffer op het hoofd hebben geslagen en zijn weggegaan. H. geldt nu als hoofdverdachte, omdat hij de dodelijke messteken zou hebben toegebracht. Koker is enkele dagen later in zijn woning gevonden.

O. en H. komen samen voor op een zitting begin november. De Crom zal dan opnieuw verzoeken of O. kan worden vrijgelaten.

Het spijt ons. Deze media is niet meer beschikbaar.

Een van de verdachten in deze zaak wordt bijgestaan door Sjanneke de Crom

Twee mannen uit Geleen zitten vast voor een overval op een winkel in Beek, begin deze maand.

De mannen van 32 en 50 jaar oud zijn vrijdagmorgen opgepakt. 

De winkel aan de Elsstraat in Beek werd op 1 augustus overvallen door twee mannen, die met een vuurwapen het personeel bedreigden. Uiteindelijk gingen ze er zonder buit vandoor.

De verdachte in deze zaak wordt bijgestaan door Sjanneke de Crom

Twee personen hebben in de nacht van maandag op dinsdag een poging gedaan om een winkel in Beek te overvallen.

De twee daders drongen de winkel aan de Elsstraat binnen en bedreigden het personeel met een vuurwapen. “Uiteindelijk hebben ze niets meegenomen en is er niemand gewond geraakt”, laat een woordvoerder van de politie weten. 

Burgernet
Via Burgernet werd er in de nacht van maandag op dinsdag gezocht naar de daders. Mensen werd geadviseerd zelf geen actie te ondernemen tegen de daders.

Over hun vluchtrichting is niets bekend. Er zijn nog geen verdachten aangehouden.

De verdachte in deze zaak wordt bijgestaan door Sjanneke de Crom

Het spijt ons. Deze media is niet meer beschikbaar.

LUIK – De 28-jarige Belg Djeylan P., die vastzit voor het vermoorden van de Nieuwegeinse Rianne Brouwer (27) afgelopen vrijdag in Maastricht, heeft geprobeerd zich in zijn cel van het leven te beroven omdat hij spijt heeft van zijn gruweldaad.

Dat bevestigt zijn advocaat Serge Weening tegenover De Telegraaf.

Cipiers van de Luikse bajes Lantin betrapten P. met verwondingen in zijn hals. De man is overgeplaatst naar de afdeling afzondering en staat onder psychologische behandeling. Volgens Weening beseft zijn cliënt dat hij verantwoordelijk is voor de dood van Rianne. „Met het feit dat hij zoiets verschrikkelijks heeft gedaan, kan hij niet omgaan”, zegt Weening.

Djeylan P. blijkt de promovenda met messteken in haar hals te hebben vermoord. „Volgens mijn cliënt stond hij op de galerij van het appartementencomplex aan het Oranjeplein een joint te roken, toen hij plots aangesproken werd door Rianne Brouwer. Deze zou hem beschuldigd hebben van een diefstal uit haar flat. Daarna stak hij haar tijdens een worsteling dood”, aldus de Maastrichtse strafpleiter.

Deze bekentenis van P. is nog niet bekend bij de opsporingsdiensten omdat hij in België nog niet gehoord is door de recherche. P. wordt morgen voorgeleid aan de onderzoeksrechter. Naar verwachting zal hij op korte termijn worden uitgeleverd aan ons land.

zaterdag, 13 oktober 2012

JUSTITIE Groep ook verdacht van drugshandel

SITTARD/MAASTRICHT – Acht inwoners van Sittard-Geleen worden verdacht van grootschalige bijstandsfraude. Het gaat om enkele tonnen, zo stelt het Openbaar Ministerie. Exacte cijfers had justitie gisteren tijdens een pro forma-zitting niet paraat. De fraude van de vier mannen en vier vrouwen in de leeftijd van 29 tot 60 jaar zou hebben plaatsgevonden in de periode van 5 februari 2005 tot en met 31 december 2009. Maar de groep wordt niet alleen verdacht van uitkeringsfraude, ook worden enkelen gezien als drugshandelaar. Ze zouden zowel soft- als harddrugs hebben verkocht. Ook was sprake van verboden wapenbezit bij de verdachten.

Heling en diefstal van stroom zijn het achttal uit Sittard-Geleen even eens ten laste gelegd. Advocaat Stef Bergmans vroeg zich namens zijn cliënten af waarom een aanhoudingseenheid werd ingezet bij de arrestaties. „Ik wil graag weten wat daar de regels voor zijn en waarom deze procedure in dit specifieke geval is ingezet.” De gegevens daarvoor zullen nog worden toegevoegd aan het dossier. De zaak zal eind februari 2013 daadwerkelijk in behandeling worden genomen door de Maastrichtse rechtbank.

donderdag, 23 februari 2012 – door Siebrand Vos

MISDAAD Advocaat Serge Weening: niet eerder juwelier overvallen met zo weinig geweld en zonder wapens

MAASTRICHT/HEERLEN – Tegen een 25-jarige Heerlenaar is gisteren voor de rechtbank in Maastricht achttien maanden geëist, waarvan zes voorwaardelijk, voor de geruchtmakende overval op juwelier Jambroers in Vrieheide.

De overval op 1 november ging niet onopgemerkt aan de Heerlense wijk Vrieheide voorbij. Scooterende jeugd had buiten de achtervolging van juwelierJambroers overgenomen, nadat die op straat ten val was gekomen. Overvaller M.E. (25) wist via sportvelden te ontsnappen en was toen naar zijn moeder gelopen, verklaarde hij gisteren voor de rechtbank.. Daar had hij zich omgekleed. Zijn moeder was later erg geschrokken toen ze beelden van hem op tv zag. E. gaf zichzelf aan. Hij had vele ‘halve liters bier’ op toen hij tot zijn daad kwam. Omdat E. zei dat hij was doorverwezen door een andere juwelier liet Jambroers, die de deur altijd op slot had, hem binnen. Daar gaf hij de juwelier een duw en ging er met sierraden vandoor. De winkelier viel in een vitrine en raakte gewond.

Officier van justitie Martin Scharenborg achtte diefstal met geweld bewezen, maar twijfelde over de strafmaat en de persoonlijke omstandigheden. Met de jonge Heerlenaar ging het de laatste jaren van kwaad tot erger. Hij begon te drinken en gebruikte zo nu en dan cocaïne. Uiteindelijk was hij zijn baan, zijn meisje en zijn huis kwijtgeraakt en overnachtte hij soms in de dag- en nachtopvang.

Advocaat Serge Weening stelde dat niet eerder een juwelier met zo weinig geweld en zonder wapens was overvallen in Nederland. De officier vond de feiten ernstig genoeg om achttien maanden cel te eisen, waarvan zes voorwaardelijk. Normaal gesproken staat voor zo’n overval met geweld op een juwelier twee tot drie jaar, zei hij. Daarbij kwam dat E. ruimhartig spijt had betuigd; zij het nadrukkelijk niet aan zijn slachtoffer, maar slechts in een brief aan de rechtbank. Hij kondigde ook aan de schade te willen vergoeden als hij weer werk in de bouw zou krijgen.

De schadevordering van de juwelier à 18.000 euro werd niet ontvankelijk verklaard, omdat de onderbouwing te summier was. De officier wilde wel dat E. de opbrengst van de overval, 2400 euro, wordt ontnomen. Uitspraak in maart.

woensdag, 11 mei 2011

SIOD Invallen Kerkrade en Den Haag

KERKRADE – Bij een inval door politie, Sociale Recherche en SIOD op een kampje aan de Pannesheiderstraat in Kerkrade en in een huisin Den Haag zijn gisteren zes mensen opgepakt. Ze worden allemaal verdacht van grootschalige uitkeringsfraude en het witwassen van geld.

Het gaat om drie mannen (21, 40 en 41) en twee vrouwen (32 en 42) uit Kerkrade en een 59-jarige vrouw uit Den Haag. De Sociale Recherche ging samen met agenten en SIOD drie woonwagens in Kerkrade binnen; gelijktijdig werd een inval gedaan in een huis aan de Haagse Moerweg. Op alle adressen werden waardevolle spullen in beslag genomen zoals televisies, een scooter, vier auto’s en geld.

Ook werd 200 gram wiet gevonden en constateerden medewerkers van Enexis diefstal van stroom in één van de woningen. De schadepost voor de energiemaatschappij wordt door de politie becijferd op rond de 10.000 euro.

Alle verdachten zitten vast.

door Rob Zijlstra

Justitie: Verdachte zocht de confrontatie – Verdachte: De slachtoffers liegen

GRONINGEN – De gebeurtenissen voorafgaand aan de dodelijke schietpartij in Hoogezand, waarbij de 26-jarige Amsterdamse Farrel Provence (alias Rapper Rel) om het leven kwam, blijven raadselachtig. Ook voor de officier van justitie. Des ondanks eiste zij gisteren tegen de 27-jarige schutter Jason B. een gevangenisstraf van achttien jaar wegens moord, drie pogingen tot moord en diefstal met geweld. De officier van justitie gaat ervan uit dat Jason B. twee dagen voor de schietpartij een van de latere slachtoffers heeft beroofd in Foxhol. Daarbij wordt ook geschoten. Op 9 november kwam het slachtoffer van die beroving met vier vrienden, onder wie Farrel Provence, bij B. thuis om verhaal te halen. In de kleine hal van de flatwoning liep dit uit de handen loste B. vijf schoten: vier personen worden geraakt. Provence overlijdt als gevolg van bloedverlies later die nacht in een ziekenhuis in Amsterdam. Vastgesteld wordt dat de kogels zijn afgevuurd met hetzelfde wapen als waarmee twee dagen eerder ook in Fox hol is geschoten. Jason B. wist ook van de komst van de mannen naar zijn woning: een half uur daarvoor was hij door een van hen gebeld. Uit het feit dat hij toch de deur opendeed, trekt justitie de conclusie dat B.,op dat moment gewapend, zelfde confrontatie zocht. Hij had de woning ook kunnen verlaten, aldus justitie.

Jason B. heeft een heel ander verhaal. Hij zegt niets te maken hebben met die beroving in Foxhol en stelt dat hij die nacht in zijn woning door de vier mannen met bedekte gezichten werd belaagd. Ze stormden naar binnen en begonnen direct te slaan en te schoppen. Daarbij viel een wapen van een van de indringers op de grond. B. wist het vuurwapen te pakken en schoot. Hij zegt: “Ik was in paniek. Het was zelfverdediging, ik had geen andere keus.”

Na de schietpartij, die al met al tien seconden duurt, rende hij in zijn onderbroek naar een kennis, twee straten verderop. Daar belde hij 112. Hij vermoedt dat de mannen hem wilden ontvoeren dan wel de diefstal van drugs in de schoenen wilden schuiven. Zij zouden elk 5.000 euro als beloning hebben gekregen.Dat de belagers anders verklaren, is volgens B. logisch: met het vertellen van de waarheid zouden ze zichzelf belasten. De rechtbank doet op 9 september uitspraak.

zaterdag, 07 augustus 2010 – door Bjorn Thimister

JUSTITIE Twintigjarige Kerkradenaar vast voor poging tot moord

KERKRADE – De twintigjarige Marco B. uit Kerkrade heeft bekend in februari van dit jaar zijn 75-jarige opa in diens woning aan de Spireastraat in Kerkrade te hebben neergestoken. Dat heeft advocaat Eric Maessen van de Kerkradenaar laten weten. De twintigjarige Kerkradenaar zit inmiddels vast. Hem wordt poging tot moord ten laste gelegd. De steekpartij vond op 25 februari plaats in de woning van de bejaarde man. Verdachte Marco B. was bij zijn grootvader op bezoek, toen het plotseling tot een woordenwisseling kwam tussen het tweetal. Wat de reden van deze ruzie precies was, is niet duidelijk. ,,Het slachtoffer zou iets over de zus van mijn cliënt hebben gezegd”, zegt advocaat Maessen. „Daarop heeft hij zijn opa in het bovenlichaam heeft gestoken.” Marco B., die ook verdacht wordt van diefstal, heling en mishandeling, wordt op dit moment psychologisch onderzocht. Woordvoerster Cindy Reijnders van het openbaar ministerie wilde gisteren niet inhoudelijk reageren. De rechtbank in Maastricht zal zich over enkele weken over de zaak buigen.

ROTTERDAM – De Zeeuwse politie heeft gisteren in samenwerking met de collega’s van het korps Rotterdam-Rijnmond een Vlissingse vrouw opgepakt in verband met een moordzaak in Rotterdam.

Op zondagmiddag 3 januari ging de politie naar een woning aan de Catharina Beersmansstraat in die stad. Dit naar aanleiding van een melding van vrienden van het slachtoffer die hem al enige tijd niet meer gezien hadden. In de woning troffen politiemensen een overleden man aan.

Het bleek te gaan om een 46-jarige man uit Zuid-Amerika. Direct werd een grootschalig onderzoek (TGO) ingesteld.

Agenten ontdekten dat de 46-jarige Zuid-Amerikaan op of omstreeks 12 december 2009 voor vakantie naar Nederland was gekomen. Door aanvullend onderzoek kregen de rechercheurs zicht op een verdachte en werd een 26-jarige man uit Sierra Leone internationaal gesignaleerd.

Op zaterdagochtend 16 januari kwam de gesignaleerde verdachte op vliegveld Zaventem in België om het vliegtuig naar Conakry in Afrika te nemen. Hij werd daar onmiddellijk aangehouden en vastgezet. Inmiddels is om zijn uitlevering gevraagd.

Het onderzoek heeft zich voortgezet en naar aanleiding daarvan werden gisteren nog twee verdachten opgepakt: een 23-jarige vrouw uit Capelle aan den Ijssel en een 42-jarige vrouw uit Vlissingen. Agenten forceerden bij haar een deur en hielden haar vervolgens aan.

De vrouw is aangehouden voor doodslag, diefstal met geweld en heling. In twee panden in Capelle aan den IJssel en Vlissingen hebben doorzoekingen plaatsgevonden door agenten. De politie zet het onderzoek voort.

VLIJMEN/DEN BOSCH – Met de aanhouding van vijf Roemenen de afgelopen dagen zijn in ieder geval twintig woninginbraken in de regio Den Bosch opgelost. De politie hield vorige week, in de nacht van donderdag op vrijdag rond 5.00 uur,op de Biessertweg in Vlijmen een 17-jarige Roemeen aan. Dat gebeurde naar aanleiding van die nacht in Vlijmen-Oost gepleegde inbraken. Een tweede man wist te ontkomen aan de agenten. Dinsdagmorgen vroeg troffen rechercheurs in een bosachtig gedeelte van het Engelermeer in een aantal tenten vier Roemenen(19, 21, 25 en 26 jaar) aan. In de tenten werden goederen aangetroffen die van diefstal afkomstig waren. Bij het meer was zondag ook al met politiehonden gezocht. Het lijkt erop dat de bende de afgelopen twee weken actief isgeweest in onder meer Vlijmen-Oost, Bokhoven, Rosmalen, Drunen en Oisterwijk. In totaal worden zij ervan verdacht ongeveer twintig inbraken te hebben gepleegd.

Zij kwamen binnen via de Bulgaarse methode: het forceren van een cilinderslot. De daders namen over het algemeen elektrisch gereedschap en kleine goederen als horloges weg uit woningen en schuren. Verder nuttigden zij regelmatig drank en etenswaren in de woningen. De politie werkt op dit moment met acht rechercheurs aan de zaak. Het onderzoek is nog in volle gang en nietuitgesloten is dat er nog meer inbraken worden opgelost.

Toen groep Molukkers de kroeg binnenkwam, verstomde feestgedruis onmiddellijk „Ze vlogen hem aan, sloegen hem overal. Hij werd letterlijk het podium opgeslagen”

HET ZUID-LIMBURGSE GELEEN gaat al jaren gebukt onder regelrechte terreur door een Molukse bende. De Molukkers en hun Nederlandse meelopers – vrijwel allen een criminele achtergrond – houden vooral huis in cafés en kroegen. Geruchten over afpersingen en bedreigingen in de horeca doen de ronde, regelmatig worden mensen afgetuigd. Een Molukker die ook nu weer in een gruwelzaak van zich doet spreken, schoot ruim tien jaar geleden al een Geleense kastelein dood. Vorige zomer vielen twee jonge Limburgers in het centrum van Geleen aan de groep ten prooi en raakten daarbij zwaargewond. En dan is er de erbijsterende doodslag op de Geleense isolatiewerker Fer Loontjes, waarvoor een deel van de groepering momenteel terechtstaat. Dit slachtoffer werd tijdens carnaval voor de ogen van tientallen feestende Limburgers letterlijk doodgeranseld.

FER LOONTJES liep in Geleens café vol carnavalsvierders tegen de verkeerde op.

GELEEN, zaterdag

Als altijd met carnaval was Fer Loontjes volgens zijn vrienden ’in een lollige bui’ geweest. Met volle teugen had de Limburgse isolatiewerker die dag genoten van de kleurrijke optocht en feestende massa. Maar carnavalszondag 2008 kreeg in Geleen een inktzwart einde toen de graag geziene Loontjes plotsklaps de verkeerden tegen het lijf liep. Amper twee weken later prijkte zijn levensmotto, ’Leef je leven, je maakt een vergissing als je het niet doet’, op zijn bidprentje.

In een overvolle rechtbank in Maastricht werd vorige week een begin gemaakt met het strafproces tegen de zeven mannen – vijf Molukkers en twee Nederlanders – die door justitie worden verdacht van betrokkenheid bij de gruweldood van de 47-jarige Limburger. Het gaat om een beladen strafproces met ijzingwekkende en verbijsterende details, neergelegd in tal van verklaringen. Want vele tientallen mannen en vrouwen blijken getuige te zijn geweest van de dodelijke mishandeling in februari dit jaar, in het Geleense café Het Vlaegelke.

Terug naar de dramatische carnavalszondag als Fer Loontjes rond negen uur in de avond met een goede vriend over de drempel van Het Vlaegelke stapt. Het feest is zowel binnen als buiten onder een luifeltent in volle gang. Er wordt gedanst, gelachen, gedronken en gepraat. Achter in het café spoelen medewerkers de glazen en poetsen het buffet. Onderwijl maakt de in Geleen geboren en getogen Fer Loontjes her en der een praatje met bekenden. „Fer was een vriendelijke, behulpzame man die nooit ruzie zocht”, verklaarden verschillende getuigen later tegenover de recherche. „Als hij gedronken had, was hij luidruchtig, maar die avond was Fer hooguit aangeschoten.”

Ook vrienden typeren de Limburger als een man met het hart op de juist plek. „Een goeiige lachebek. Fer heeft zeker tien jaar bij de plaatselijke carnavalsvereniging gezeten, hij lééfde voor carnaval. Hij was gescheiden en vader van een dochter en een zoon. Hij had veel vrienden, hield van klussen en schreef in zijn vrije tijd gedichten. Elke zaterdag ging hij met zijn moeder naar de markt en vaak at hij bij zijn bejaarde ouders. Nog steeds dekken zij de tafel voor Fer.”

Het feestgedruis in het Vlaegelke verstomt als andere, beduidend minder populaire gasten het café binnenkomen. Een groep Molukkers, circa tien man, enkele vrouwen en twee blanke mannen. Ze vallen op omdat ze niet verkleed zijn. Sommigen breedgeschouderd. Bijna allemaal in zwarte kledij. Enkelen kaal, anderen hun zwarte haar in staartjes.

Met de komst van de Molukkers ontstaat een angstige en zelfs explosieve sfeer. „We liepen op eieren, er kon ieder moment iets gebeuren”, aldus een van de bezoekers. Er zijn carnavalsgangers die zó bang voor de groep zijn dat zij later helemaal niets aan de politie wilden vertellen. „Ik ken die lui en wil niets zeggen. Ik kan me niets herinneren”, aldus een van hen. Een ander: „Ik ben niet gek. Ze gaan me dan zeker omleggen.” Toch zouden veel carnavalsvierders uiteindelijk geen blad voor de mond nemen en een onthutsend beeld schetsen. Het strafdossier typeert een groep Molukse mannen, in wisselende samenstelling, die sinds jaren met regelmaat in het Geleense uitgaanscircuit te vinden is en daar intimiderend en soms extreem gewelddadig optreedt. Een van de getuigen: „Altijd als zij binnenkomen, verandert de sfeer. Iedereen kent ze en wordt dan stiller. Ze stellen zich intimiderend, uiterst dreigend op. Deze mannen scheef aankijken of per ongeluk aanstoten kan al genoeg zijn voor ruzie.” Desondanks probeert een enkele feestganger in het Vlaegelke de groep bij het carnaval te betrekken. „Ik dacht: ’ik maak een grapje’, pakte een zwarte cowboyhoed en legde die bij een van de Molukkers op zijn hoofd. ’Zo, nou ben je toch verkleed’, zei ik. Hij lachte en keek weg naar een maat van hem. Diens blik was woest, van die bloedogen. Ontzettend agressief. Ik vond het heel eng en keek meteen weg.” Diverse cafébezoekers voelen de haast tastbare spanning en weten dat er elk moment iets kan gebeuren, maar Fer Loontjes lijkt zich daar in het geheel niet van bewust. Hij is bij de gokkasten in de drukke bar als het opeens compleet uit de hand loopt. Het maatje van Loontjes heeft juist vijf euro in de linkergokkast gegooid, op de rechter speelt Molukker Antonie P. Plotseling slaat Loontjes op zijn gokkast en roept volgens zijn vriend: ’Kom op zeg, geef me eens wat!’ Ook op de rechtergokkast zou hij een klap hebben gegeven, met de woorden: ’En geef die jongen ook wat!’ Onmiddellijk slaat de vlam in de pan. Tal van feestgangers zien hoe een kale Molukker met een tatoeage in zijn nek Fer Loontjes snoeihard tegen de gokkasten smijt. Getuigen herkennen deze man later als Gerano S. Deze 32-jarige Molukker is een voormalig lid van de bende van Leerdam, een gevreesde criminele organisatie die in de jaren negentig achter tal van geweldsdelicten als afpersingen en roofovervallen zat, alsook een reeks aan misdrijven, waarbij destijds twee doden vielen. Gerano S. zat elf jaar vast wegens zijn aandeel in het geweld. Alsof het afgesproken is rennen na de duw door Gerano S. ook enkele andere Molukkers en hun Nederlandse, eveneens eerder veroordeelde vrienden Barry H. en Rick D. op Fer Loontjes af om hem een pak slaag te geven. Met name de bijna 1.90 meter lange zwaargewicht Rick D., die in het verleden vastzat wegens onder meer gewelds- en drugsmisdrijven, zou daarbij voluit in het gezicht van het slachtoffer hebben geslagen.

„De mannen stonden met de ruggen naar mij toe”, aldus een bezoekster. „Ik keek Fer in zijn gezicht. Hij kreeg zeker vijf tot vijftien klappen te incasseren. Het deed erg pijn, dat zag je aan zijn uitdrukking. Hij had een bedrukt gezicht, als van een ingehouden schreeuw. Fer zakte ineen, omlaag tegen de muur, zijn armen beschermend om zijn hoofd.” Een getuige met ervaring in vechtsporten: „Er werd hard, echt vól doorgeslagen.”

Ook de Molukse Stephan P. (31), oudere broer van Antonie P., mengt zich volgens omstanders in het eenzijdige gevecht met Loontjes. P., getypeerd als leider van het Molukse groepje, is eveneens een bekende van politie en justitie. Hij kwam in 1997 in het nieuws nadat hij met zijn neef en maten dronken en vernielend door Geleen was getrokken. Toen de plaatselijke kastelein Tonny Kentjens daar iets van zei, schoot Stephan P. hem in koelen bloede twee kogels door het hoofd, het derde schot kwam van zijn neef. Stephan P. zat acht jaar achter de tralies.

Lappenpop

Als P. in het Vlaegelke een teken geeft, stopt de regen van felle slagen direct en smijt een van de Molukkers Fer Loontjes als een lappenpop naar buiten. Buiten zien carnavalsgangers de mishandelde isolatiewerker verward en slingerend – waarschijnlijk door de harde klappen – naar zijn vriend toelopen. Maar dan opeens trekt Loontjes zijn jas uit, rukt de bril van zijn gezicht en zet opnieuw koers naar het café. ’Nu is het gedaan’, hoort zijn vriend hem nog roepen. Tal van bezoekers proberen de man vergeefs tegen te houden. Wat bewoog de Limburger om terug te keren? Voor Suzanne Besters, die 23 jaar met Fer Loontjes getrouwd is geweest, blijft het een raadsel. „Misschien heeft iemand iets gezegd. Misschien pikte Fer het gewoon niet. Hij was geen vechtersbaas, agressie was hem vreemd. Maar hij had een sterk rechtvaardigheidsgevoel en zou het niet accepteren om zomaar zo geslagen te worden.”

Die beslissing werd Fer Loontjes fataal. Na luttele ogenblikken, volgens getuigen vijftien hooguit twintig seconden later, zou van de levenslustige Limburger niets resteren dan een kasplantje dat tot aan zijn dood aan beademingsapparatuur ligt. Een orkaan van dodelijke razernij en geweld heeft Loontjes in het bijzijn van een feestende massa verpletterd. Een getuige, terugkijkend: „Ik zag dat de deur van het café werd opengegooid en Fer weer binnenstormde. Hij leek kwaad op die kale Molukker, maar voordat Fer iets kon zeggen, werd hij al door die kale met een vuist geslagen. Het hele groepje, onder wie Stephan P., Barry H., Rick D. en ook Molukker Douglas C., stormde op hem af. Ze vlogen hem aan, sloegen hem overal. Het waren keiharde klappen, Fer werd letterlijk het podium opgeslagen. Ik schrok me kapot van dat geweld en dacht: ’Dit gaat helemaal mis’.” Een andere getuige: „Ik zag Fer voor het eerst toen hij achterover viel. Ik had de indruk dat hij geslagen was. Toen hij daar lag, stond de hele groep om hem heen en was hem voluit aan het trappen. Iedereen schopte hem, ze trapten met van die karatetrappen waar ze hem maar konden raken. Alle schoppen troffen zijn lichaam. Maar Fer bewoog toen al niet meer.”

Het is Stephan P. die door een tiental aanwezigen wordt aangewezen als de man die met een barkruk klappen zou hebben uitgedeeld. Een van hen: „Ik zag dat Stephan een barkruk boven aan de poten optilde en die kruk vervolgens een slag draaide, met de zitting naar beneden. Hiermee sloeg hij keihard naar beneden in de richting waar Fer op de grond lag. Hij moet hem voluit tegen het hoofd hebben geraakt.”

Even snel als de lynchpartij begon, is hij weer voorbij. De groep Molukkers en hun Nederlandse kompanen snellen naar hun auto’s en slaan op de vlucht. In het café lopen carnavalsgangers verdwaasd rond, sommigen in shock of in tranen. Fer Loontjes ligt roerloos op zijn rechterzij bij de bar, verschillende mensen zien een grote gapende wond op zijn hoofd en een plas bloed om hem heen.

Pijnprikkels

Een van de feestgangers knielt direct bij hem neer. „Hij bewoog niet, zijn ogen waren gesloten. Ik probeerde hem aan te spreken bij zijn naam, maar daar reageerde hij niet op. Ik controleerde zijn mondholte, Fer ademde nog. Maar op gegeven moment begon hij snurkend, rochelend adem te halen.” In de ambulance wordt geconstateerd dat Loontjes niet meer op pijnprikkels reageert en niet meer zelfstandig kan ademen. Zijn lichaam is overladen met wonden en bloeduitstortingen, maar het is een bloeding in zijn hersenen die hem het leven kost. Twee weken nadien worden de apparaten die Fer Loontjes in leven houden, stopgezet Molukkers Stephan en Antonie P., Gerano S., Paul S. en Douglas C. en hun Nederlandse kompanen Rick D. en Barry H. stonden vorige week voor het eerst voor de rechtbank in Maastricht wegens doodslag op Fer Loontjes terecht. Paul S., in het verleden veroordeeld wegens bedreiging en diefstal, lijkt niets met de zaak te maken te hebben. Wél wordt hij door een bedreigde getuige in verband gebracht met de zware mishandeling van twee jongemannen, David Rosenbaum en zijn vriend Ron, in juni vorig jaar in Geleen. Rosenbaum liep daarbij ernstig hersenletsel op, zijn vriend een verbrijzelde schouder. Serge Weening, advocaat van Paul S.: „Het is spijtig dat mijn cliënt twee keer op het verkeerde moment op de verkeerde plaats was en daardoor zes maanden lang van zijn vrijheid beroofd was. De rechter heeft al aangegeven dat er geen hard bewijs is voor betrokkenheid van S. bij beide feiten. Ik zie de uitspraak met vertrouwen tegemoet.” Ook Stephan P. en zijn broer Antonie worden verdacht van het mishandelen van Rosenbaum en zijn maat. Daarnaast ziet justitie Stephan P. als een hoofdrolspeler in de dood van Fer Loontjes. Maar P.’s raadsman, advocaat Peer Szymkowiak, noemt het aandeel van zijn cliënt in de zaak-Loontjes minimaal. „P. raakte pas op het laatste moment betrokken bij de mishandeling. Het letsel dat tot de dood leidde, kan niet aan hem worden toegeschreven. Uiteindelijk was het een gewone caféruzie, die tot grote droefheid van alle partijen fatale gevolgen had. Stephan P. is bereid voor zijn aandeel verantwoordelijkheid te nemen. In de mishandelingszaak van 2007 ontbreekt ieder bewijs voor zijn betrokkenheid.”

Diverse getuigen blijken de afgelopen maanden ernstig te zijn bedreigd. De nabestaanden van Fer Loontjes ontvingen daarentegen een spijtbetuiging. „Een briefje van Stephan P. Maar we geloven echt niet dat hij berouw heeft.”

door Ad Rijken

DEN BOSCH – De verdachte van de moord op de 31 jarige Bosschenaar Leon Marcé heeft zich gisteravond bij de politie in Den Bosch aangegeven. Marcé werd vorige week in ‘t Bossche Huukske doodgeschoten. Het slachtoffer werd gisteren begraven op de begraafplaats Groenendaal in Den Bosch. Het Brabants Dagblad meldde maandag al dat de vermoedelijke dader van de moord op Marcé een 33 jarige Bosschenaar is met wie het slachtoffer op zeer gespannen voet leefde. Gisteren bleek deze Bosschenaar inderdaad degene te zijn die betrokken is geweest.

De politie meldde gisteravond wel de aanhouding van een 33 jarige Bosschenaar, maar wilde over de toedracht van de moord nog steeds niet meer kwijt dan dat in het café een handgemeen heeft plaatsgevonden waarbij enkele keren op het slachtoffer geschoten is.

Ook de advocaat van de 33 jarige Bosschenaar, mr. S. Weening, wilde gisteravond niets zeggen over wat zich volgens zijn cliënt in het café heeft afgespeeld. De Bosschenaar ontkent volgens Weening in ieder geval dat hij onder invloed van cocaïne was on onmiddellijk is gaan schieten. “Mijn cliënt heeft zich bij de politie gemeld omdat hij dit soort geruchten uit de wereld wil helpen.” Weening zegt met justitie in Den Bosch overlegd te hebben over het exacte tijdstip waarop zijn cliënt zich zou aangeven. “Hij wist dat de politie naar hem op zoek was en wilde graag afscheid nemen van zijn vrouw en kinderen.” De 33 jarige en Marcé leefden in onmin met elkaar sinds de moordzaak Verspeek uit ’99. Voor de moord op Hans (‘Puk’) Verspreek, eveneens gepleegd in ‘t Bossche Huukske, werd Marcé in hoger beroep veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf. De 33 jarige Bosschenaar gold als medeverdachte.

De rechtbank veroordeelde hem tot zes jaar. In hoger beroep werd hij vrijgesproken van betrokkenheid bij de moord, maar wel veroordeeld wegens diefstal van het geld van Verspeek.

door Theo Sniekers

LANDGRAAF – De zaak tegen de achttien mannen die verdacht worden van het stelselmatig aanvallen van homo’s op een ontmoetingsplaats bij de Brunssummerheide, gaat in april zeker vier of vijf dagen duren. “He wordt een megazitting”, zegt officier van justitie Wim Smits.

Elf van de achttien verdachten, die op één na allen uit Landgraaf komen, zijn minderjarig. Hun zaak zal achter gesloten deuren plaatsvinden. Gisteren vond een eerste korten, formele zitting plaats. Verschillende advocaten van de zes meerderjarige verdachten die moesten verschijnen, wilden nog getuigen horen. Zoals strafpleiter Arthur Vonken, die de 21 jarige Landgravenaar T.D. verdedigt. Deze wordt, evenals zijn 18 jarige plaatsgenoot M.T.” onder meer verdacht van een poging tot doodslag op 16 september 2006. Ze reden, zo stelt het Openbaar Ministerie, met hun auto een man van de weg af met de bedoeling hem te doden. Volgens Vonken ontkent zijn cliënt niet bij een aantal zaken betrokken te zijn. Maar D. zou bij een aantal zaken door een veel getuigen zijn aangewezen als mededader, terwijl hij dat ontkent. Daar wil zijn advocaat die getuigen, veelal andere verdachten, over horen.

In totaal stemde de rechtbank in met het nogmaals horen van zeker vijftien mensen: verdachten en getuigen. Dat gebeurt voorafgaande aan het eigenlijk proces.

De rechtbank weigerde in te gaan op verzoek van de advocaat Serge Weening en Myria Pluijmen voor een zogenoemde Oslo-confrontatie. Een van de slachtoffers zou daarbij uit een rij van opgestelde personen hun cliënten eruit moeten pikken. Volgens de advocaten zijn die verdachten ten onrechte beschuldigd van het trappen en schoppen van slachtoffer, wiens auto ook werd aangereden. In navolging van de officier van justitie ziet de rechtbank de zin van een Oslo-confrontatie niet in. Ook het voorhouden van foto’s – een verzoek van Vonken – werd afgewezen.

Het OM legt de zes verdachten elk vijf of zes zaken ten laste. Ze worden onder meer beschuldigd van poging tot doodslag (maximaal 15 jaar cel), poging tot afpersing/diefstal met geweld en bedreiging.

MAASTRICHT – Tegen twee van de vier verdachten van de doodslag op de 77 jarige Arnold Vink uit Brunssum zijn gisteren voor de Maastrichtse rechtbank celstraffen geëist van respectievelijk een jaar en drie jaar.

De ‘pantoffelmoordzaak’ Vink droeg slechts één pantoffel toen hij op 10 maart dood werd gevonden, de andere is spoorloos, werd achter gesloten deuren behandeld, omdat de verdachten minderjarigen van 15 en 17 jaar zijn.

Officier van justitie W. Smits eiste een jaar jeugddetentie tegen de 15 jarige verdachte, waarvan twee maanden voorwaardelijk. Tegen de 17 jarige eiste hij drie jaar, waarvan één voorwaardelijk. Hij vroeg de rechtbank deze jongen volgens het volwassenenstrafrecht te straffen. Mocht de rechtbank besluiten toch het jeugdstrafrecht toe te passen, dan luidt de eis van het openbaar ministerie twee jaar jeugddetentie met acht maanden voorwaardelijk. Twee jaar is de maximum gevangenisstraf volgens de jeugdstrafrecht.

Komende woensdag moeten de andere twee verdachten, onder wie de eveneens 17 jarige hoofdverdachte, voorkomen. De zaken worden alle vier apart behandeld. Alle vier de verdachten is primair ‘diefstal met geweld met de dood tot gevolg’ ten laste gelegd.

De 17 jarige hoofdverdachte woonde enkele huizen bij Vink vandaan. Hij heeft bekend de man te hebben neergestoken. De hoofdverdachte had op 5 maart al ingebroken bij zijn buurman en zou bij die gelegenheid op een bankafschrift hebben gezien dat Vink een aanzienlijk bedrag op zijn rekening had staan. Dat zou voor hem reden zijn geweest enkele dagen later met drie vrienden terug te gaan in een poging de man zijn pincode te ontfutselen. Volgens de hoofdverdachte bleven twee jongens buiten op de uitkijk staan, terwijl hij zelf en een 22 jarige kompaan naar binnen gingen. De jongens die op de uitkijk zouden hebben gestaan, stonden gisteren terecht. De rechtbank maakt pas bij de uitspraak over twee weken bekend of de 17 jarige verdachte volgens het volwassenen strafrecht wordt veroordeeld.